Precies een week geleden kreeg ik te horen dat ik gisteren mijn moeder en tante, bijna resp. 88 en 91 jaar oud, naar Leusden mocht rijden; mijn schoonzuster Ada was jarig. Ada heeft inmiddels zo’n een leeftijd bereikt, dat ik die, uit consideratie met mijn gewaardeerde schoonzuster, niet vermeld. Wij zullen tevens werd mij medegedeeld, een bezoekje brengen aan mijn tante Trees.
Bij dit soort gelegenheden is mooi meegenomen dat Oma Pauline, moeder van Ada, ook meerijdt. Er zit dan 328 jaar in mijn bijna even oude barrel. De drie douairières, worden in een potdichte auto, moeders is allergisch voor tocht, waar de verwarming op 25C staat en de air conditioning uit, ook vanwege de tocht, in een gezapig tempo, zo leuk die koeien in de weide, naar de bestemming gereden. De chauffeur wordt geacht niet te roken en doet dat dan ook niet. Het is altijd dolle pret; zo’n “Wij gaan naar Zandvoort” sfeer gevoel uit mijn jeugd.
De afstand, Den Haag – Leusden, rechtvaardigt geen rustpauze. Op langere afstanden wordt de chauffeur geacht om iedere anderhalf uur de auto op een parkeerplaats stil te houden om zijn benen te strekken en indien hij het niet kan laten één sigaretje te roken. U begrijpt dat hij van dit voorrecht, dankbaar gebruik maakt.
Een minpuntje voor de chauffeur deze keer is, dat de kofferbak van de auto niet helemaal leeg is en de opklapbare rollators derhalve niet mee kunnen. Hij begeleidt de douairières, in een tempo dat Stoffel de schildpad iets aan de trage kant zou vinden, weliswaar één voor één aan zijn rechterarm en ze vallen niet om, omdat ze aan de andere kant in evenwicht worden gehouden door een wandelstok; maar het gaat toch sneller met de rollators en tijd is geld.
In Leusden aangekomen breng ik eerst Oma Pauline naar haar dochter Ada. Oma Pauline heeft een briefje bij zich voor Ada, waarin zij wordt geïnstrueerd het op het briefje vermelde nummer te bellen en mijn neef Ron, mede te delen dat zijn tantes op weg zijn naar het Lisidunahof, alwaar zijn moeder, de eerder vermelde tante Trees, al sinds medio 2003 resideert. Meer behoeft er niet te worden medegedeeld aan Ron, hij weet wat hem te doen staat. De chauffeur, vraagt zich af waarom dat briefje nodig was, voor het vertrek hadden de dames toch al gevraagd of hij zijn mobieltje opgeladen bij zich had; maar houdt wijselijk zijn mond; moeders wil is wet.
Aan een doodlopende weg, aan de rand van de bewoonde wereld, ligt het verpleegtehuis. Ruim opgezet, laagbouw, prachtige tuinen en patio’s. Op een ruime binnenplaats, is er een ruime hoek afgerasterd waar een werkelijk prachtige haan parmantig rondstapt, omringd door vier hennen, Lakenvelders.
Sluisdeuren, de één moet dicht voordat de andere open gaat, bieden toegang tot een enorme ruimte; receptie, restaurant en zithoeken met comfortabele sofa’s. In afwachting van neef Ron, nemen wij plaats aan een ruim van allerlei lectuur voorziene leesbladen tafel. Er zit zelfs een hengelsportblad bij. Mijn vraag of ze iets willen drinken is overbodig, dat willen ze niet. Zij hebben beiden een hekel aan vreemde toiletten. Voor het geval dat; behoren wegwerp toiletbrilhoezen, tot de standaarduitrusting, maar dat is ook zo’n gedoe.
Ik kijk rond en zie een man van mijn leeftijd, liefdevol gezeten naast zijn kennelijk iets afwezige moeder. Moeder heeft een fotoalbum op schoot; schoondochter, gezeteld in een fauteuil, is verdiept een roman. “Weet je nog wie dit is, Mama?”, vroeg hij wijzend naar een zwartwit foto. “Die, neen!”, de stem is voor mij verassend helder. “Je zuster, dat is Lieke.” Zei de zoon, geduldig. “Lieke?” “Ja je zuster Lieke, die ken je toch wel?” “Ja…”, volgende foto.
“Daar heb je een auto, dat zal Ron wel zijn.” Inderdaad, daar kwam mijn neef Ron aan. Zoals altijd goed gekleed, om door een ringetje te halen. Ron is klein van stuk, een beetje te zwaar, ieder grijzend haartje op z’n kop op de juiste plaats. Hij heeft een typisch loopje en komt in snel tempo er aan. Ron, is voor mij het voorbeeld van een zoon, zoals iedere moeder zich zou wensen. Respect- en liefdevol, zorgzaam, plichtsgetrouw en punctueel. Niets vindt hij te veel voor zijn moeder. Dagelijks komt hij haar opzoeken. Helpt een handje als het nodig is. Is realist genoeg om te weten dat het zo afgelopen kan zijn; maar hoopt dat hij nog lang zijn moeder bij zich heeft. Als het dan zo ver is; zal hij gepensioneerd en al, in dit instituut vrijwilligerswerk blijven doen. Het personeel en de directie bieden optimale zorg, maar hoe meer vrijwilligers hoe beter.
Dat hij er altijd keurig uitziet heeft hij van geen vreemden. Zijn vader Tom, vakofficier in het leger en zijn moeder, mijn tante Trees, liepen er ook altijd bij alsof de Majesteit op ieder moment haar opwachting kon maken. Mijn neef Ron, ik respecteer en mag hem wel, kwam binnen. Hij groette zijn tantes en mij hartelijk en wij begaven ons in het bekende tempo naar mijn tante Trees. Ron als volleerd reisgids, nam de tijd om ons, wijzend op kunst aan de muren, details in de tuinen, vriendelijk personeel en andere bezoekers en patiënten groetend, naar mijn tante te brengen.
Wat zullen wij aantreffen, vroeg ik mij af. Toen ik eind 2003, how time flies when you are having fun, mijn tante voor het eerst zag in het verpleegtehuis, schrok ik. De altijd tot in de puntjes verzorgde, discreet opgemaakte dame, lag in bed. Ogen dicht, mond open, haar wel gekamd, maar niet zoals ik was gewend perfect gekapt. Vel over been. Zo dement als een deur. Excusez le mot, ik kan U niet duidelijker omschrijven hoe ik mijn tante aantrof. Zij gaf de indruk niets te merken van wat er in haar directe omgeving plaats vond. Dat zou een zegen zijn, want het kon geen pretje zijn om tegenover een medepatiënte te liggen, die de hele dag en nacht, luid hetzelfde liedje meent te moeten zingen.
Na dat eerste bezoek, dacht ik dat het niet lang meer kon duren, een week of 4 hooguit! Ik was getuige geweest hoe mijn tante, werd gevoed of gevoerd?, met vla. Ze kreeg alleen vloeibaar voedsel toegediend, dit kon gewoon niet lang duren.
De toestand waarin ik tante Trees aantrof, bij onze periodieke bezoeken van gelukkig lage frequentie, veranderde nauwelijks. Ik bleef mij verwonderen dat zij het zo lang uithield. Eén duidelijke verbetering vond ik, dat de schreeuwlelijk was vervangen door een dame waar geen geluid uitkomt. Erg levendig is zij niet. Placht als ze wakker was, naar een vast punt op het plafond te kijken. Lekker rustig, maar ik betwijfel of mijn tante er iets van merkte.
“Je kunt de deur openen door het jaartal in te typen” legt reisleider Ron uit, terwijl hij de vier cijfers intoetst. De deur gaat open naar de vleugel van tante Trees. Ruime gemeenschappelijke ruimtes. Bevolkt door verzorgenden en bewoners. Hier is het eenvoudig de begeleiders van de patiënten te scheiden; iets wat mij niet altijd lukt op de 3e dinsdag in september als half basis school Den Haag in de Efteling te vinden is en er ook grote aantallen zwakzinnigen met begeleiders voorbij trekken. Er zal wel geen causaal verband zijn.
Mama en tante namen de tijd om naar de prachtige Lakenvelder haan en zijn harem te kijken. Harem? 4 kippetjes, iets aan de krappe kant, zou de haan waarschijnlijk zelf vinden. Maar, misschien ook niet, misschien is hij blij dat er maar 4 zijn, al dat gekakel aan zijn kop. Ik vermoed dat zij, stiekem moed aan het verzamelen waren, Mama en Tante, om ogenschijnlijk vrolijk de confrontatie met hun nicht, aan te gaan.
“Dag Mama, kijk eens wie er zijn.”, reisgids Ron, dirigeerde Mama en Tante naar de lange zijde van het bed, de kant waar het gezicht van tante Trees op gericht was. Ik stond aan het voeteneind. Hij had de dame die naar het plafond staart, niet gegroet, ik deed dat wel, maar kreeg geen reactie. Zij bleef strak naar het plafond kijken. Tante Trees, voor het eerst in jaren herkende ik tante Trees weer, een lichte blos, geen uitgemergeld gezicht meer, maar volle wangen en een serene blik.
Ron boog voorover om zijn moeder een kusje te geven terwijl hij vrolijk door babbelde, zijn rechterhand op haar schouder, “Tante Riek en Tante Hed zijn er en Paul ook”. De ogen gingen open, een brede lach verscheen op de tandenloze mond, “Hallo” zei ze zachtjes, voordat de ogen weer dicht ging.
Herhaling, dacht ik. Er was natuurlijk geen videocamera aanwezig, maar ik heb mij aangeleerd om in mijn hoofd wat er net gebeurd is, terug te spoelen en nogmaals te bekijken. Vooral handig bij LBW, dan hoeft die wijsvinger niet onterecht omhoog. Inderdaad de ogen gingen open, er verscheen een lach en een zwak “Hallo”.
Erg actief was tante Trees niet, zij sloot haar ogen om de paar minuten. “Mama, is na het eten altijd moe, dan is ze gewend te slapen.” Legde Ron uit. Tante Trees had nog wel een paar keer duidelijk hoorbaar “Ja ja ” gezegd en vriendelijk, breeduit naar haar nichten gelachen. Mama en Tante besloten te vertrekken.
“Zullen wij voordat we gaan nog een gebedje doen, Trees?” vroeg mijn moeder. Ron en ik wisselden een blik van verstandhouding. “Here Jezus,”, galmde de stem van mijn frêle moedertje door de ruimte. Mama, Tante Hed en Ron, hoofd gebogen, ogen gesloten, handen gevouwen, gingen door in gebed. Een vertederende aanblik, zou de andere patiënte in de kamer? Ik draaide mij halfom om haar in beeld te krijgen: zij onderwierp die plek aan het plafond, nog steeds aan een inspectie.
“Ik ga alvast de auto halen.”, zei ik om mij uit de voeten te maken in de wetenschap dat ik voldoende tijd zou hebben om mijn nicotine- en teerarmoede, tijdelijk op te heffen. In mijn haast buiten te komen stond ik voor de deur waardoor ik het hoofdgebouw was binnen gekomen. De deur ging niet open. “U moet aan de andere kant naar buiten” klonk de stem van de receptioniste achter mij. Ach, ja natuurlijk. Ik begaf mij naar de andere deur, rechts van het schot dat de deuren scheidt. “U moet het jaartal intikken om de deur te openen.”
Vragend keek ik haar onnozel aan, nadat ik verschillende keren 4 cijfers had ingetikt. Zonder voor maar één fractie van één seconde de vriendelijke blik in de ogen of de glimlach op de lippen te onderbreken, maakte de receptioniste aanstalten om op te staan en te kijken waarom de deur niet openging. “Het is toch 1995?”, vroeg ik onnozel, met een zwaar Indisch accent. Ze keek mij aan met het op één paar na, mooiste vel blauwe ogen die ik ooit heb gezien, lachte spontaan en groette mij vriendelijk terug, toen ik naar buiten ging. Een leuk mens, gevoel voor humor, prachtige ogen, maar zoals altijd: te jong.
Theo Joekes, politicus en dichter: “Trouw nooit met een jongere vrouw; het leidt tot frustratie en berouw!”
Het was reuze gezellig bij Ada en mijn meest geassimileerde broer Andre. Hun vrienden Ineke en Herman zijn er ook. Zoals altijd om door een ringetje te halen. Herman is enkele jaren geleden door een herseninfarct getroffen; maar is er gelukkig nog, hij is een begenadigd musicus en de personificatie van zachtmoedigheid. De drie douairières, nemen plaats op de bank en laten zich verwennen.
Vooral mijn moeder zondigt, ze lijdt aan diabetes, maar laat zich de bon bons, koekjes, taartjes en gebak goed smaken. Haar thee drinkt ze met één zoetje; maar zij werkt op één verjaardag meer gebak naar binnen dan ik in een heel jaar. Maar het is háár leven.
Ze heeft gezien hoe een andere lieve nicht van haar, tante Grote Wies, (wij hebben nog een andere Wies, u raadt het al Kleine Wies en mijn zoon Laurens doet het met ene Wies, die zullen wij dan maar Mooie Wies gaan noemen), wegens hetzelfde euvel meerdere keren een stuk been verloor om vervolgens toch binnen enkele maanden na de amputaties te overlijden. Een neef van haar Han briljante keukenprins, node gemist, door mij het meest vanwege de lekkerste Indische pasteitjes die ik ooit gegeten heb, het recept waarvan tezamen met zijn andere specialiteiten, met hem schijnt begraven te zijn, verloor eerst zijn zicht en daarna het leven. Een gewaarschuwd mens telt voor twee. Van wie zou ik toch hebben dat ook wanneer het om het leven gaat, kwaliteit belangrijker is dan kwantiteit?
Na het altijd overvloedige en lekkere eten, wanneer het huis vol begint te lopen met andere vrienden en familieleden, is het moment gekomen om te vertrekken. Nadat Oma Pauline, thuis is gebracht aan het Notenplein, waar behalve oude dames, ook prachtige niet zo oude wonen.
Ik installeer mij op de bank, met een borreltje. Mijn eerste die dag, het is de chauffeur natuurlijk niet toegestaan om gedurende werktijd alcohol te nuttigen. Hij houdt het dan op een heerlijk soort appelsap, dat discreet in een jus glaasje wordt geserveerd. Het sap is afkomstig uit Noord Frankrijk, ontdekt door zijn avontuurlijke broer, die er slechts 28 opeen volgende jaren komt en niet zonder jerrycans van de naar de streek genoemde Calvados genoemde drankje, huiswaarts keert. De TV aan, BBC 2.
De dames bereiden zich voor om zich voor de nacht terug te trekken. Voordat ze dat doen komen ze nog even binnen voor een gezamenlijk gebed.
Heerlijk, morgen is het weer Zondag. Een vast programma voor de dames die na het opstaan en ontbijt voor de TV plaats nemen om te genieten van een aantal programma’s. Hour of Power. Een van Nederlandse voorouders afstammende dominee Schuller, heeft een bescheiden kerkje gebouwd in de buurt van LA, zorgvuldig omgaand met gedoneerde fondsen, heeft deze godvrezende man, die wars is van alles wat met commercie te maken heeft, het gebouwtje ietwat pompeus de “Crystal Cathedral” genoemd, neergezet.
Schuller heeft een TV parochie, met miljoenen kijkers over de gehele wereld, gelukkig allemaal van tijd tot tijd, bereid tot een kleine donatie. De stichter Robert Schuller, begint aardig op leeftijd te raken en heeft het leiderschap van de gemeente overgedragen aan de best mogelijke door hem zelf opgeleide kandidaat, heel toevallig zijn geliefde zoon, toevallig ook Robert genoemd. Cynici beweren dat hier sprake is van een familiebedrijf, maar de duivel heeft z’n handlangers, wees gewaarschuwd! Ik ben er heilig van overtuigd dat de Schullers voldoen aan het voorschrift om de tiende penning af te staan, zoals het Goede Boek voorschrijft. Van mij mag dat, het is een uitkomst dat deze kerkdienst wordt gevolgd. Handig, je hoeft er de deur niet voor uit.
Als ik in Amerika ben; kijk ik hele nachten naar Bijbel TV, na tientallen jaren, ben ik er nog steeds niet op uitgekeken; het enige genre horror TV dat ik volg.
Na de vrome Schullers, komt ieder zondagochtend Arie van der Veer. Volgens mij heeft hij de boodschap niet helemaal begrepen, ik verdenk die man er van 100% van wat er binnenkomt aan giften aan het beoogde doel te spenderen. Ongehoord.
“Polly”, de kerkdiensten waren aan het aftitelen, “vind jij, het niet wonderbaarlijk die vooruitgang die de Heer, tante Trees heeft gegeven?”
“Ja moeder, ze ligt er een stuk beter bij dan verleden keer.”
“Maar Polly, dat jij ooit gedacht dat zij weer zou spreken? Een wonder.”
“Ja Mama.”
“Zie jij nu, dat het helemaal verkeerd zou zijn geweest haar te euthanaseren?”
“Ja Mama.”
Mama tevreden, de Heere dankbaar voor het mij verleende inzicht, gaat over tot de orde van de dag.
Voor Mama en tante Hed is euthanasie uit den boze. Dat zal daarom voor hen ook nooit gebeuren. Ik heb nooit voorgesteld om mijn tante Trees te euthanaseren. Ik heb alleen gezegd dat ik wel een portie “eute nassi” zou willen krijgen voordat ik het stadium bereik, waarin mijn tante zich toen bevond, 4 jaar geleden.
De moeilijkheid is dat artsen slechts in uitzonderingsgevallen, bereid zijn een dergelijk verzoek in te willigen. Je mag aangeven je lijden wanneer je ongeneeslijk ziek bent, tot een minimum te willen beperken en in een uitzichtloze situatie, te opteren voor euthanasie. Een dergelijke wilsbeschikking is alleen geldig als je geheel bij zinnen bent op het moment dat de daad bij het woord moet worden gevoegd en dat is niet het geval, als je geheel dement bent.
Het feit dat je in het verleden hebt aangegeven in een dergelijke situatie een spuitje te willen, is geen enkele verzekering, dat je er op het moment suprème er nog zo over denkt. Geen enkele arts is bereid aan een dergelijk verzoek te voldoen.
Als Opa moet je dan vertrouwen dat je lieve kleinzoons bereid zijn om de uit hen geperste belofte om, indien artsen te schijterig zijn om het verlossende spuitje toe te dienen, zoals geïnstrueerd, hun belofte gestand te doen en een kussen op je gezicht plaatsen, goed mond en neusgaten afsluitend en er onopgemerkt 10 minuten op gaan zitten. Schandelijk dat je als Opa je kleinzonen met een dergelijk dilemma opscheept. Inderdaad! Tegelijkertijd heel geruststellend, dat de jongens bereid zullen zijn, om als de experts het aflaten hun Opa uit zijn lijden te verlossen. Ik kan rustig gaan slapen in de wetenschap dat ervoor zal worden gezorgd dat ik rustig kan inslapen, wanneer het zover is!
zondag 24 februari 2008
Opa hebt U vannacht naar Deep throat gekeken?
Na de teleurstellende 0-0 tegen RKAVV, werd mij op weg naar de uitgang deze vraag gesteld, door één van de vele aanwezige pupillen.
Antwoord: "Natuurlijk niet, je denkt toch niet dat ik wakker blijf om een film te zien, die ik 30 jaar geleden, al 10 keer heb gezien?"
Antwoord: "Natuurlijk niet, je denkt toch niet dat ik wakker blijf om een film te zien, die ik 30 jaar geleden, al 10 keer heb gezien?"
vrijdag 22 februari 2008
Moet dader aanrijding tasjesdief worden veroordeeld?
Natuurlijk, moet de dame die de tasjesdief op scooter doodreed, de maximale gevangenisstraf krijgen, die mogelijk is.
Haar advocaat Corvinus vindt van niet. Knap hé, hoe deze publiciteitsgeile pleiter er iedere keer in slaagt om alle microfoons en camera’s op zich gericht te krijgen. Hoe hij, kort en bondig, sympathie weet los te wrikken voor zijn tot wrak verworden cliënt die; onder druk van niet bestaande bedreigingen, ondergedoken en geheel ontwricht door het leven moet. In een opwelling reed zij achteruit, de tasjesdief bevond zich in de dode hoek; rijwielers, wees gewaarschuwd, niet alleen vrachtwagens, ook boodschappenauto-tjes hebben ze! Er was sprake van een noodlottig ongeval.
Die rechter zal wel gek zijn als hij de dame vrij spreekt. De hoogste straf voor doodslag is hier waarschijnlijk op zijn plaats: 15 jaar!
Gebeurt dit niet, dan is het afgelopen met tasjesdieven en dergelijke. Dan zullen dit soort ongelukken, heel veel vaker voorkomen.
Een niets vermoedende vriend en ex-collega van mij had zijn wagen geparkeerd op de Keizersgracht in Amsterdam. Om de file voor te blijven, liep hij om 15:00 uur naar die auto om huiswaarts te keren. Hij opende met zijn afstandsbediening de portieren en plaatste zijn tas met laptop tussen de bestuurdersstoel en de achterbank en nam plaats op de plek van de bestuurder om zijn gordel vast te maken. Terwijl hij hier mee bezig was, werd het achterportier geopend; zijn tas met laptop uit de auto gehaald door een gehelmde jonge man te voet; die vervolgens achterop een brommer sprong om zich tegen de richting van het verkeer in uit de voeten te maken. Vriend en ex-collega, verbouwereerd en gedesillusioneerd achter latend. Maanden werk naar de maan. De goede man, die nimmer met deze mogelijkheid rekening had gehouden, maakte dagelijks backups in de veronderstelling dat hij dit deed voor het geval dat de harde schijf van de laptop het zou begeven. De backups bevonden zich ook in de tas waar de onverlaten zich mee uit de voeten hadden gemaakt.
Als de rechter tasjes dieven vogelvrij verklaard zou hebben, zou hij ongetwijfeld de achtervolging hebben ingezet en de daders platgereden. Neen hoor, hij niet. Ik wel!
Om geen ongewenst precedent te scheppen moet de dame worden veroordeeld. Ook in hoger beroep en in cassatie.
Dan zal Corvinus niet anders kunnen dan voor zijn cliënt een gratieverzoek in te dienen bij de Majesteit. Er zullen maanden verstrijken, maanden van ongewisse spanning. Dan zal er op een dag, een oproep om zich bij een huis van detentie te melden, op de deurmat vallen van de veroordeelde. Radeloos zal zij zich wenden tot haar raadsman. Competent als hij is; zal hij haar tot rust manen; zolang het gratieverzoek niet was afgehandeld, behoeft zij niet in detentie. Een paar dagen komt de verlossende brief: “Gratie!”
Zo verging het jaren geleden mijn vriend de juwelier A.M. Hij had een zaak aan De la Reijweg. Dieven hadden hem meerdere malen op ingenieuze wijze juwelen afhandig gemaakt, voor tientallen duizenden guldens. Gelukkig was hij verzekerd. Verzekeringsmaatschappijen, hebben een winstoogmerk en zoals iedereen weet, kleine lettertjes. Kleine lettertjes, die aangeven dat wanneer de verzekerde aanspraak maakt op een vergoeding; de maatschappij het recht heeft om de premie te verhogen. A.M. werd dus genoodzaakt een torenhoge premie te betalen. Een buitensporig hoog gedeelte van zijn omzet en winst diende om deze kostenpost te kunnen dekken. Bovendien verplichtte de verzekeringsmaatschappij A.M. om voor tienduizenden guldens beveiligingen aan te brengen.
Op een dag kwam een boomlange jongeman de zaak in. Had A.M. een peperdure Rolex in voorraad? Dat had hij, meerdere en liet de bezoeker een aantal zien in een etui. Wat koste deze? 27.500 gulden. Mocht hij die even passen? Natuurlijk.
De boomlange jongeman, deed de Rolex om zijn pols, begaf zich met gezwinde spoed naar de uitgang en probeerde de deur open te trekken. Probeerde, want één van de peperdure beveiligingen die door de verzekeringsmaatschappij was opgedrongen, was een op afstand afsluitbare deur. AM had de gewoonte aangeleerd om de deur te sluiten als er een vreemde binnen was. De jongeman, pakte een stoel op, hief deze boven zijn hoofd en zei tegen A.M. “Maak open die deur”. A.M. 162cm en 110 kilogram, besefte dat hij een probleem had. Optie 1, was de klewang. Zo’n handig kapmes waarmee de manschappen van het KNIL waren uitgerust. Je kon er een weg mee door de jungle banen, maar ook zonder al te veel moeite een vijand een koppie kleiner maken. (Vroeger kon je in Bronbeek foto’s bekijken, waar o.a. één van mijn overgrootvaders op staat, trots de lens inkijkend met wat manschappen bij een stapel lijken van opstandige rebellen. Enkele van de manschappen tonen trots in de ene hand en klewang en in de andere het hoofd van een rebel. Gruwelijk. Zij herinneren ons aan ons Koloniale verleden. Een mengeling van goed en slecht; heden ten dage is het bon ton alleen slecht te belichten.)
A.M. klein maar dapper, pareerde zo goed hij kon de aanvallen met de stoel. Hij hakte er op los, maar de bezoeker gaf geen krimp. Meedogenloos sloeg hij met de stoel, de klewang uit de hand van A.M. Toen hij met zijn eigen klewang werd belaagd; besloot A.M. dat tijd was voor Plan B. Hij trok de mini American Arms .22 revolver, die hij heel toevallig in bezit had en dreigde de trekker over te halen. Waarschijnlijk wegens onbekendheid met dit soort wapens, het lijkt verdacht veel op een klapperpistooltje, zette de belager de aanval in. A.M. kon niet anders, hij schoot. Op 5 meter is zo’n revolver aardig nauwkeurig; hij trof de onverlaat, 8 cm boven het hart.
De Haagsche Courant kopte “Overvaller met eigen wapen neergeschoten.” Het mocht niet baten, civiel rechtelijk kon de meer dan 200 keer wegens diefstal veroordeelde, jullie lezen het goed, een schade wegens gederfde inkomsten incasseren bij A.M. van 80000 gulden, een aardige hap uit de oudedagsvoorziening van deze eerlijke middenstander. A.M. werd ook veroordeeld tot 2,5 jaar cel; de uitkomst is bekend.
Het ergste voor A.M. en zijn gezin was, dat hun plan om naar Nieuw Zeeland te emigreren de prullenbak in kon. Nieuw Zeeland, zat niet te wachten op veroordeelde criminelen; ook wat dat betreft zijn de tijden verandert.
Op weg naar Bergen op Zoom, werd het boek van Bleich over Den Uyl op de radio besproken. Wat ik hoorde rechtvaardigt een bezoek aan Paagman aanstaande zondag. Ik ga het aanschaffen en natuurlijk ook een sapje drinken en een hapje nuttigen. Geen slecht idee, om op zondag open te zijn en te zorgen voor redelijke versnaperingen.
Den Uyl, had net als de recensente en ik gereformeerde ouders. Tot een jaar na de inval van de Duitsers beleed hij de godsdienst. Ik viel veel eerder van mijn geloof; ik moet toen een jaar of 8 zijn geweest. Het viel samen met mijn vaststelling dat Oom Teun zich had verkleed als Sinterklaas en net deed of hij dat echt was. Alle volwassenen, de dominee incluis, speelden het spelletje mee. Twee van zijn knechten waren Fighting Mieck, mijn boksleraar en een buurjongetje. Toen ik in de Bijbelbelt woonde; was de burgemeester niet bereid om bij de intocht, de Goed Heiligman te ontvangen. Hij had mijn volledige instemming.
Het verbaasde de recensente, dat Den Uyl, zich nimmer in negatieve zin richting zijn ouders en hun geloof had uitgelaten. Eerlijk gezegd, verbaasd mij dat helemaal niet. Ik heb die behoefte ook nooit gehad. Ik weet dat mijn beide ouders hun stinkende best hebben gedaan om mij tot een goed en gelovig Christen op te voeden. Dat is hun niet gelukt. Ik duld geen tegenspraak! Dat het niet lukte, kan hen niet worden verweten. Zij deden hun uiterste best. Het lag aan de aard van het beestje, mij. Het zaadje viel op onvruchtbare grond.
Op oudere leeftijd, trok mijn moeder het zich heel erg aan, dat ik bijvoorbeeld nooit meedeed aan een gezamenlijk gebed. Zij leed er onder; dat zag ik, na heel wat jaartjes deed zich de gelegenheid voor om te bidden. Zij werd niet moe mij te vragen in het gebed mee te gaan en ik schijnheil die ik ben, vouwde mijn handen en sloot mijn eigen. Mijn moedertje was helemaal blij en opgelucht. Het kost mij geen moeite, te huichelen om haar een plezier te doen.
Ik ben bang, dat ik mijn negatieve beeld van den Uyl, zal moeten bijstellen. Misschien dat ik mij te veel heb laten leiden door mijn afkeer van salon socialisten. Lieden die zelf in luxe badend, het socialisme prediken. Lieden die zelf met een riant inkomen werkend voor charitatieve organisaties, de bedrijven van hun levenspartners opdrachten gunnen die grote winsten genereren. Laat ik maar eerst het boek kopen.
Er is nog een boek dat op de radio werd besproken. Een fotoboek iets van “Demasqué van de schone schijn.” Het toont dementerende mensen in de leefomgeving waartoe ze in Nederland worden veroordeeld. Ergens weggestopt, uit het zicht. Hun kinderen zijn te druk met het zorgen voor hun eigen oude dag en carrière. Het groot familieverband is helemaal weg; daar is geen tijd voor, heel anders dan in het koloniale Indië, jammer!
Haar advocaat Corvinus vindt van niet. Knap hé, hoe deze publiciteitsgeile pleiter er iedere keer in slaagt om alle microfoons en camera’s op zich gericht te krijgen. Hoe hij, kort en bondig, sympathie weet los te wrikken voor zijn tot wrak verworden cliënt die; onder druk van niet bestaande bedreigingen, ondergedoken en geheel ontwricht door het leven moet. In een opwelling reed zij achteruit, de tasjesdief bevond zich in de dode hoek; rijwielers, wees gewaarschuwd, niet alleen vrachtwagens, ook boodschappenauto-tjes hebben ze! Er was sprake van een noodlottig ongeval.
Die rechter zal wel gek zijn als hij de dame vrij spreekt. De hoogste straf voor doodslag is hier waarschijnlijk op zijn plaats: 15 jaar!
Gebeurt dit niet, dan is het afgelopen met tasjesdieven en dergelijke. Dan zullen dit soort ongelukken, heel veel vaker voorkomen.
Een niets vermoedende vriend en ex-collega van mij had zijn wagen geparkeerd op de Keizersgracht in Amsterdam. Om de file voor te blijven, liep hij om 15:00 uur naar die auto om huiswaarts te keren. Hij opende met zijn afstandsbediening de portieren en plaatste zijn tas met laptop tussen de bestuurdersstoel en de achterbank en nam plaats op de plek van de bestuurder om zijn gordel vast te maken. Terwijl hij hier mee bezig was, werd het achterportier geopend; zijn tas met laptop uit de auto gehaald door een gehelmde jonge man te voet; die vervolgens achterop een brommer sprong om zich tegen de richting van het verkeer in uit de voeten te maken. Vriend en ex-collega, verbouwereerd en gedesillusioneerd achter latend. Maanden werk naar de maan. De goede man, die nimmer met deze mogelijkheid rekening had gehouden, maakte dagelijks backups in de veronderstelling dat hij dit deed voor het geval dat de harde schijf van de laptop het zou begeven. De backups bevonden zich ook in de tas waar de onverlaten zich mee uit de voeten hadden gemaakt.
Als de rechter tasjes dieven vogelvrij verklaard zou hebben, zou hij ongetwijfeld de achtervolging hebben ingezet en de daders platgereden. Neen hoor, hij niet. Ik wel!
Om geen ongewenst precedent te scheppen moet de dame worden veroordeeld. Ook in hoger beroep en in cassatie.
Dan zal Corvinus niet anders kunnen dan voor zijn cliënt een gratieverzoek in te dienen bij de Majesteit. Er zullen maanden verstrijken, maanden van ongewisse spanning. Dan zal er op een dag, een oproep om zich bij een huis van detentie te melden, op de deurmat vallen van de veroordeelde. Radeloos zal zij zich wenden tot haar raadsman. Competent als hij is; zal hij haar tot rust manen; zolang het gratieverzoek niet was afgehandeld, behoeft zij niet in detentie. Een paar dagen komt de verlossende brief: “Gratie!”
Zo verging het jaren geleden mijn vriend de juwelier A.M. Hij had een zaak aan De la Reijweg. Dieven hadden hem meerdere malen op ingenieuze wijze juwelen afhandig gemaakt, voor tientallen duizenden guldens. Gelukkig was hij verzekerd. Verzekeringsmaatschappijen, hebben een winstoogmerk en zoals iedereen weet, kleine lettertjes. Kleine lettertjes, die aangeven dat wanneer de verzekerde aanspraak maakt op een vergoeding; de maatschappij het recht heeft om de premie te verhogen. A.M. werd dus genoodzaakt een torenhoge premie te betalen. Een buitensporig hoog gedeelte van zijn omzet en winst diende om deze kostenpost te kunnen dekken. Bovendien verplichtte de verzekeringsmaatschappij A.M. om voor tienduizenden guldens beveiligingen aan te brengen.
Op een dag kwam een boomlange jongeman de zaak in. Had A.M. een peperdure Rolex in voorraad? Dat had hij, meerdere en liet de bezoeker een aantal zien in een etui. Wat koste deze? 27.500 gulden. Mocht hij die even passen? Natuurlijk.
De boomlange jongeman, deed de Rolex om zijn pols, begaf zich met gezwinde spoed naar de uitgang en probeerde de deur open te trekken. Probeerde, want één van de peperdure beveiligingen die door de verzekeringsmaatschappij was opgedrongen, was een op afstand afsluitbare deur. AM had de gewoonte aangeleerd om de deur te sluiten als er een vreemde binnen was. De jongeman, pakte een stoel op, hief deze boven zijn hoofd en zei tegen A.M. “Maak open die deur”. A.M. 162cm en 110 kilogram, besefte dat hij een probleem had. Optie 1, was de klewang. Zo’n handig kapmes waarmee de manschappen van het KNIL waren uitgerust. Je kon er een weg mee door de jungle banen, maar ook zonder al te veel moeite een vijand een koppie kleiner maken. (Vroeger kon je in Bronbeek foto’s bekijken, waar o.a. één van mijn overgrootvaders op staat, trots de lens inkijkend met wat manschappen bij een stapel lijken van opstandige rebellen. Enkele van de manschappen tonen trots in de ene hand en klewang en in de andere het hoofd van een rebel. Gruwelijk. Zij herinneren ons aan ons Koloniale verleden. Een mengeling van goed en slecht; heden ten dage is het bon ton alleen slecht te belichten.)
A.M. klein maar dapper, pareerde zo goed hij kon de aanvallen met de stoel. Hij hakte er op los, maar de bezoeker gaf geen krimp. Meedogenloos sloeg hij met de stoel, de klewang uit de hand van A.M. Toen hij met zijn eigen klewang werd belaagd; besloot A.M. dat tijd was voor Plan B. Hij trok de mini American Arms .22 revolver, die hij heel toevallig in bezit had en dreigde de trekker over te halen. Waarschijnlijk wegens onbekendheid met dit soort wapens, het lijkt verdacht veel op een klapperpistooltje, zette de belager de aanval in. A.M. kon niet anders, hij schoot. Op 5 meter is zo’n revolver aardig nauwkeurig; hij trof de onverlaat, 8 cm boven het hart.
De Haagsche Courant kopte “Overvaller met eigen wapen neergeschoten.” Het mocht niet baten, civiel rechtelijk kon de meer dan 200 keer wegens diefstal veroordeelde, jullie lezen het goed, een schade wegens gederfde inkomsten incasseren bij A.M. van 80000 gulden, een aardige hap uit de oudedagsvoorziening van deze eerlijke middenstander. A.M. werd ook veroordeeld tot 2,5 jaar cel; de uitkomst is bekend.
Het ergste voor A.M. en zijn gezin was, dat hun plan om naar Nieuw Zeeland te emigreren de prullenbak in kon. Nieuw Zeeland, zat niet te wachten op veroordeelde criminelen; ook wat dat betreft zijn de tijden verandert.
Op weg naar Bergen op Zoom, werd het boek van Bleich over Den Uyl op de radio besproken. Wat ik hoorde rechtvaardigt een bezoek aan Paagman aanstaande zondag. Ik ga het aanschaffen en natuurlijk ook een sapje drinken en een hapje nuttigen. Geen slecht idee, om op zondag open te zijn en te zorgen voor redelijke versnaperingen.
Den Uyl, had net als de recensente en ik gereformeerde ouders. Tot een jaar na de inval van de Duitsers beleed hij de godsdienst. Ik viel veel eerder van mijn geloof; ik moet toen een jaar of 8 zijn geweest. Het viel samen met mijn vaststelling dat Oom Teun zich had verkleed als Sinterklaas en net deed of hij dat echt was. Alle volwassenen, de dominee incluis, speelden het spelletje mee. Twee van zijn knechten waren Fighting Mieck, mijn boksleraar en een buurjongetje. Toen ik in de Bijbelbelt woonde; was de burgemeester niet bereid om bij de intocht, de Goed Heiligman te ontvangen. Hij had mijn volledige instemming.
Het verbaasde de recensente, dat Den Uyl, zich nimmer in negatieve zin richting zijn ouders en hun geloof had uitgelaten. Eerlijk gezegd, verbaasd mij dat helemaal niet. Ik heb die behoefte ook nooit gehad. Ik weet dat mijn beide ouders hun stinkende best hebben gedaan om mij tot een goed en gelovig Christen op te voeden. Dat is hun niet gelukt. Ik duld geen tegenspraak! Dat het niet lukte, kan hen niet worden verweten. Zij deden hun uiterste best. Het lag aan de aard van het beestje, mij. Het zaadje viel op onvruchtbare grond.
Op oudere leeftijd, trok mijn moeder het zich heel erg aan, dat ik bijvoorbeeld nooit meedeed aan een gezamenlijk gebed. Zij leed er onder; dat zag ik, na heel wat jaartjes deed zich de gelegenheid voor om te bidden. Zij werd niet moe mij te vragen in het gebed mee te gaan en ik schijnheil die ik ben, vouwde mijn handen en sloot mijn eigen. Mijn moedertje was helemaal blij en opgelucht. Het kost mij geen moeite, te huichelen om haar een plezier te doen.
Ik ben bang, dat ik mijn negatieve beeld van den Uyl, zal moeten bijstellen. Misschien dat ik mij te veel heb laten leiden door mijn afkeer van salon socialisten. Lieden die zelf in luxe badend, het socialisme prediken. Lieden die zelf met een riant inkomen werkend voor charitatieve organisaties, de bedrijven van hun levenspartners opdrachten gunnen die grote winsten genereren. Laat ik maar eerst het boek kopen.
Er is nog een boek dat op de radio werd besproken. Een fotoboek iets van “Demasqué van de schone schijn.” Het toont dementerende mensen in de leefomgeving waartoe ze in Nederland worden veroordeeld. Ergens weggestopt, uit het zicht. Hun kinderen zijn te druk met het zorgen voor hun eigen oude dag en carrière. Het groot familieverband is helemaal weg; daar is geen tijd voor, heel anders dan in het koloniale Indië, jammer!
Hoera er is een drugstrip!
Even heen en weer naar Bergen op Zoom. De tape unit heeft het begeven. Een nieuwe kost met tapes meer dan 2000 euro ex BTW en dan blijven ze klooien met iedere dag na het werk, tapeje indoen, backup maken. Voor minder dan één euro per dag, wordt er bij de KPN ergens buiten het gebouw, na kantoortijd een backup gemaakt. De lokale backup is dus een extra voorziening. Ik heb een netwerkschijf van 320 Gb bij mij. Ruimschoots voldoende, dat ding koste 175 euro ex. Ik ga dat ding zo configureren dat er dagelijks 2 keer een backup wordt gemaakt, in de lunch pauze en na het werk. De eerste harde schijf die ik privé in 1981 kocht, koste 5000 gulden ex BTW, maar die had dan ook een capaciteit van 5MB!
Tijdens de rit, natuurlijk luisteren naar Radio 1.
Een bedrijf heeft een strip ontwikkeld, zodat meisjes kunnen testen of in hun drankje géén drugs zitten. Er wordt een proef gehouden in Eindhoven. Eén of twee druppeltjes van het drankje op de strip en als het blauw kleurt is het positief. Positief in dit geval, betekent negatief, niet best, drugs in het drankje.
Allemaal naar aanleiding van een waarschuwing van de politie. Er worden meisjes verkracht nadat ze in bars, onwetend drankjes met GHB en ketamine, wat dat ook mag zijn, hebben genuttigd. De test werkt niet met cognac en andere distillaten.
Ik geloof mijn oren niet en spits ze. Het is echt waar. Ben ik nou zo slim of zijn zij zo dom? De Van Gaal in mij roert zich. Ik begin boos te worden.
Als je zeker wilt zijn, dat je geen rotzooi in dat soort gelegenheden naar binnen krijgt; breng je eigen drank mee in gesloten verzegelde flessen. Je maakt een afspraak met de uitbater over welke compensatie je verschuldigd bent voor iedere consumptie. Als je dorst hebt, open je een verzegeld flesje, plaatst het aan je mond en dringt het leeg, indien je dit niet doet omdat er te veel inzit, dan spoel je de rest door. Je eet ook niets uit de keuken. Wat in cola kan worden gestopt, past ook in een garnalencocktail. Volstrekt idioot!
Als bekend is in welke lokalen dergelijke misstanden hebben plaatsgevonden; is het een eitje om camerabewaking in te richten op zodanige wijze dat iedere handeling wordt geregistreerd. Het is niet ondenkbeeldig, dat dit soort smeerlappen in tandem werkt. Eén leidt het meisje af, bijvoorbeeld door per ongeluk tegen haar op te botsen en uitvoerig zijn verontschuldigingen aan te bieden; terwijl zijn handlanger, op het moment dat het meisje niet meer haar drankje in het vizier heeft, het ongewenste spul in haar drankje doet.
Een dergelijke surveillance is misschien wel geheel overbodig. Ik neem aan dat een meisje na het nuttigen van GHB, niet onmiddellijk van haar barkruk valt en wordt verkracht. Dit zou ongetwijfeld, de aandacht van andere bezoekers trekken. Waarschijnlijk is dat het gedrogeerde meisje, al dan niet ondersteund door haar belagers het pand verlaat om elders te worden mishandeld.
Het is dus zaak, iedere binnenkomende en vertrekkende bezoeker van een lokaal met een videocamera te registreren. Vooral bij het verlaten van het pand, moet op dames worden gelet. Worden ze ondersteund of zijn ze niet bij de les, dan is extra waakzaamheid geboden. Iedere vrouw die het pand verlaat wordt niet alleen gefilmd maar ook aangesproken.
Als onverhoopt, het slachtoffer niet bij het verlaten van het pand kan worden onderschept en datgene gebeurt wat niet zou moeten en mogen, zou het niet zo moeilijk moeten zijn om de dader aan de hand van de opnames te identificeren.
Lieden die tot dit soort walgelijke daden in staat zijn, zijn volgens mij, niet op het rechte pad te krijgen, met geen leger psychiaters, psychologen of andere ochen! Onze maatschappij staat niet toe om de economisch verstandigste oplossing te kiezen, tegen de muur en een genadig nekschot. Dus dan maar de zwaarst mogelijke straf met TBS; zodat herhaling niet mogelijk is. Het cachot in, humaan behandelen zoals in een beschaafde maatschappij moet, maar de sleutel weggooien. Nooit meer loslaten!
Het kost een paar centen, maar er is geen alternatief. Of misschien toch wel: vrijwillige euthanasie. Iedere gedetineerde zou de mogelijkheid moeten hebben om te opteren, let wel opteren, van drang mag geen sprake zijn, voor euthanasie. Zorgvuldig, pijnloos en snel. De maatschappij wordt dan verlost van een uitzichtloos individu; terwijl het uitzichtloos individu wordt verlost van een uitzichtloos bestaan. Een echte win-win situatie.
Alle gekheid op een stokje, ik weet dat ik afkomstig ben van een andere planeet, welke ouder, hoe liberaal ook, staat toe dat een dochter een tent bezoekt, waar zij het risico loopt te worden gedrogeerd en verkracht? BEZOPEN!
Tijdens de rit, natuurlijk luisteren naar Radio 1.
Een bedrijf heeft een strip ontwikkeld, zodat meisjes kunnen testen of in hun drankje géén drugs zitten. Er wordt een proef gehouden in Eindhoven. Eén of twee druppeltjes van het drankje op de strip en als het blauw kleurt is het positief. Positief in dit geval, betekent negatief, niet best, drugs in het drankje.
Allemaal naar aanleiding van een waarschuwing van de politie. Er worden meisjes verkracht nadat ze in bars, onwetend drankjes met GHB en ketamine, wat dat ook mag zijn, hebben genuttigd. De test werkt niet met cognac en andere distillaten.
Ik geloof mijn oren niet en spits ze. Het is echt waar. Ben ik nou zo slim of zijn zij zo dom? De Van Gaal in mij roert zich. Ik begin boos te worden.
Als je zeker wilt zijn, dat je geen rotzooi in dat soort gelegenheden naar binnen krijgt; breng je eigen drank mee in gesloten verzegelde flessen. Je maakt een afspraak met de uitbater over welke compensatie je verschuldigd bent voor iedere consumptie. Als je dorst hebt, open je een verzegeld flesje, plaatst het aan je mond en dringt het leeg, indien je dit niet doet omdat er te veel inzit, dan spoel je de rest door. Je eet ook niets uit de keuken. Wat in cola kan worden gestopt, past ook in een garnalencocktail. Volstrekt idioot!
Als bekend is in welke lokalen dergelijke misstanden hebben plaatsgevonden; is het een eitje om camerabewaking in te richten op zodanige wijze dat iedere handeling wordt geregistreerd. Het is niet ondenkbeeldig, dat dit soort smeerlappen in tandem werkt. Eén leidt het meisje af, bijvoorbeeld door per ongeluk tegen haar op te botsen en uitvoerig zijn verontschuldigingen aan te bieden; terwijl zijn handlanger, op het moment dat het meisje niet meer haar drankje in het vizier heeft, het ongewenste spul in haar drankje doet.
Een dergelijke surveillance is misschien wel geheel overbodig. Ik neem aan dat een meisje na het nuttigen van GHB, niet onmiddellijk van haar barkruk valt en wordt verkracht. Dit zou ongetwijfeld, de aandacht van andere bezoekers trekken. Waarschijnlijk is dat het gedrogeerde meisje, al dan niet ondersteund door haar belagers het pand verlaat om elders te worden mishandeld.
Het is dus zaak, iedere binnenkomende en vertrekkende bezoeker van een lokaal met een videocamera te registreren. Vooral bij het verlaten van het pand, moet op dames worden gelet. Worden ze ondersteund of zijn ze niet bij de les, dan is extra waakzaamheid geboden. Iedere vrouw die het pand verlaat wordt niet alleen gefilmd maar ook aangesproken.
Als onverhoopt, het slachtoffer niet bij het verlaten van het pand kan worden onderschept en datgene gebeurt wat niet zou moeten en mogen, zou het niet zo moeilijk moeten zijn om de dader aan de hand van de opnames te identificeren.
Lieden die tot dit soort walgelijke daden in staat zijn, zijn volgens mij, niet op het rechte pad te krijgen, met geen leger psychiaters, psychologen of andere ochen! Onze maatschappij staat niet toe om de economisch verstandigste oplossing te kiezen, tegen de muur en een genadig nekschot. Dus dan maar de zwaarst mogelijke straf met TBS; zodat herhaling niet mogelijk is. Het cachot in, humaan behandelen zoals in een beschaafde maatschappij moet, maar de sleutel weggooien. Nooit meer loslaten!
Het kost een paar centen, maar er is geen alternatief. Of misschien toch wel: vrijwillige euthanasie. Iedere gedetineerde zou de mogelijkheid moeten hebben om te opteren, let wel opteren, van drang mag geen sprake zijn, voor euthanasie. Zorgvuldig, pijnloos en snel. De maatschappij wordt dan verlost van een uitzichtloos individu; terwijl het uitzichtloos individu wordt verlost van een uitzichtloos bestaan. Een echte win-win situatie.
Alle gekheid op een stokje, ik weet dat ik afkomstig ben van een andere planeet, welke ouder, hoe liberaal ook, staat toe dat een dochter een tent bezoekt, waar zij het risico loopt te worden gedrogeerd en verkracht? BEZOPEN!
Joop den Uyl, wist van de Prins wel kwaad!
Dat vroeg in slaap vallen van mij heeft nadelen. Uitzending gemist biedt de mogelijkheid om veel programma’s te zien op een tijdstip dat je uitkomt. In het weekend, zal ik de uitzending over Joop den Uyl bekijken.
Ik ben nooit een fan van de door velen zo geroemde den Uyl geweest, politiek zat ik, toen ik jong was in de andere hoek. Nam dan ook iedere gelegenheid die zich voordeed te baat om tegen den Uyl en de zijnen, te fulmineren.
Ik las Vrij Nederland nooit en heb tot vanochtend niet geweten dat Gerard Mulder en Hugo Arlman, al jaren geleden in dat blad hadden gepubliceerd dat den Uyl, de “Northrop affaire” in de doofpot had gestopt en daarmee wellicht de Nederlandse Monarchie heeft gered.
Vanochtend vroeg, kwam ik al zappend, de naar eigen zeggen niet Indische, Theodor Holman, tegen. In gesprek met de onlangs gepensioneerde Rabijn Soetendorp, of gaat een rabijn met emeritaat? en Peter Rehwinkel.
Ik ben altijd fan geweest van de rabbijnen Soetendorp. Deze en zijn illustere voorganger en vader. Gematigde, pragmatische en humane geestelijke leiders; was er maar meer naar hen geluisterd en vooral gehandeld op de door hen aangegeven wijze.
Peter Rehwinkel, zou ik zelf liever op de plek van Wouter Bos hebben gezien. Maar Rehwinkel, is bepaald niet dom en heeft gekozen voor een bestaan in de politieke luwte, als burgemeester van het prachtige Naarden. Niks mis mee hoor; alleen zou hij, naar mijn bescheiden mening, veel meer voor ons land kunnen betekenen. Naarden’s gain, is Holland’s loss!
Er werd eerst gesproken over het Midden Oosten, ik arriveerde te laat om daar veel van te hebben meegekregen, maar vooral Soentendorp, getuigde van een inzicht dat ik bewonderenswaardig vind.
In een telefoongesprek beweert Gerard Mulder dat hij en Arlman al het materiaal, dat zij hadden over Den Uyl, aan de schrijfster Annet Bleich van de onlangs verschenen biografie, ter beschikking hebben gesteld. Annet Bleich, vermeldt dit ook in het boek, zoals het hoort, netjes. Minder te spreken is Mulder, over de eerdergenoemde schrijfster, omdat zij het in haar boek doet voorkomen alsof zij en niet Mulder en Arlman, de doofpot affaire ontdekte.
Mulder, beweerde bovendien, dat andere media destijds niet op zijn artikel in Vrij Nederland, uit een soort jaloezie, een soort broodnijd zijn ingegaan.
Ik heb zelf menigmaal kunnen vaststellen dat sommige journalisten het niet zo nauw nemen met de waarheid en ben dus altijd op mijn hoede als er boude beweringen in de media staan. Neem nooit wat er in de krant staat, met uitzondering van het Nederlands Dagblad, voor zoete koek aan. Als er onwaarheden in het Nederlands Dagblad staan, zijn dit nooit leugens, maar foutjes van journalisten, meestal omdat ze niet goed zijn geïnformeerd, soms omdat ze dingen anders interpreteren dan bedoeld.
Ik moet zeggen dat ik wel blij was met het feit dat Den Uyl de monarchie gered heeft. Ik ben bevoorrecht af te stammen van een lijn waar men in woord en daad bereid was en ik hoop nog steeds is, om voor Koningin en Vaderland het hoogste offer te brengen. Die bereidheid was er bij mijn vader en moeder, het heeft een haartje gescheeld of ik had hier niet deze bazelingen aan mijn harde schijf kunnen toevertrouwen. Teveel van hun familieleden en vrienden, hebben deze daad, ook bij het woord moeten voegen.
Een pluspuntje voor Den Uyl, gelukkig, hoe minder negatieve gevoelens jegens anderen hoe beter!
Prins Bernhard en steekpenningen, vindt U dat niet vreselijk Opa? Neen.
Grote ondernemingen over de gehele wereld, hebben budget om te ‘lubriceren’. In absolute bedragen, astronomisch hoog, maar procentueel gezien, te verwaarlozen, eerder enkele promillen. Overal ter wereld zijn deze bestedingen fiscaal aftrekbaar. Dat zal jullie niet verbazen, staten, ook de Nederlandse, eisen dat er belasting wordt geheven over crimineel verkregen geld en hoeren in dit land, zijn verplicht om behalve BTW ook inkomstenbelasting af te dragen. Er is niemand benadeeld toen Prins Bernhard een paar miljoen, voor bewezen diensten, kon toucheren.
Kon toucheren, is natuurlijk net iets anders dan mocht toucheren. Een foutje van de Prins, een beetje dom zou een nu alom gewaardeerd lid van de Koninklijke familie hebben kunnen zeggen.
Heel begrijpelijk vind ik. De Prins had niet alleen dure hobby’s, maar ook nog tenminste een paar dochters, waar de meeste van ons tot voor kort niets van afwisten. Het spreekt voor zich dat hij als goede vader wenste dat het deze kinderen aan niets zou ontbreken. Dat hij over fondsen kon beschikken, waar andere terecht meekijkenden niets over wisten, zal mooi meegenomen zijn geweest.
Prins Bernhard was een goed en mooi mens. Neem dat maar van Opa Paul aan. Hij wist wat er in het leven belangrijk was. Hij wist te genieten van al het moois dat deze wereld te bieden had; spande zich in om het mooi te houden, had een hekel aan onrecht en deed er wat aan, zelfs wanneer het protocol anders vereiste. Hij was bereid om voor zijn nieuwe vaderland, te vechten tegen zijn oorspronkelijke en heeft zijn leven meerdere malen dapper in de waagschaal gelegd. Als geen ander wist hij vriendschap en kameraadschap de plek te geven die het verdient. Zijn vrienden, ook die in nood, konden altijd op hem rekenen. Ongevraagd, kwam hij hen te hulp, wanneer hij vernam dat het niet helemaal goed ging.
Het heeft jaren en jaren geduurd, voordat de Poolse generaal Stanislaw Sosakowski en zijn manschappen, die erkenning en waardering kregen, die hun moed en offers voor Nederland verdienden. Mede, neen vooral, dankzij Prins Bernhard.
Ok, hij vloog wel eens zonder de vereiste brevetten; reed soms een tikkeltje te hard, parkeerde zijn bolide wel eens ongelukkig, schoot wel eens een eend terwijl de zon al meer dan een uur onder was; liet zijn oog wel eens vallen op bevallige jongedames (een vreemde vriend van mij destijds werkzaam op een ambassade; werd bij een bezoek van de Prins gevraagd door één van zijn adjudanten om een afspraak te regelen met een wel zeer goed geproportioneerde medewerkster, mijn vriend deed het niet. Stom, ik zou het wel hebben gedaan; tenzij ik zelf een verhouding met haar had, natuurlijk. Pieter, toch, dat ik niet eerder aan die mogelijkheid heb gedacht!;-) en dat van die financiële douceurtjes, dat had zo geregeld moeten worden dat het nooit wereldkundig werd; daar heb je als Prins toch stromannen voor?
Ik ben nooit een fan van de door velen zo geroemde den Uyl geweest, politiek zat ik, toen ik jong was in de andere hoek. Nam dan ook iedere gelegenheid die zich voordeed te baat om tegen den Uyl en de zijnen, te fulmineren.
Ik las Vrij Nederland nooit en heb tot vanochtend niet geweten dat Gerard Mulder en Hugo Arlman, al jaren geleden in dat blad hadden gepubliceerd dat den Uyl, de “Northrop affaire” in de doofpot had gestopt en daarmee wellicht de Nederlandse Monarchie heeft gered.
Vanochtend vroeg, kwam ik al zappend, de naar eigen zeggen niet Indische, Theodor Holman, tegen. In gesprek met de onlangs gepensioneerde Rabijn Soetendorp, of gaat een rabijn met emeritaat? en Peter Rehwinkel.
Ik ben altijd fan geweest van de rabbijnen Soetendorp. Deze en zijn illustere voorganger en vader. Gematigde, pragmatische en humane geestelijke leiders; was er maar meer naar hen geluisterd en vooral gehandeld op de door hen aangegeven wijze.
Peter Rehwinkel, zou ik zelf liever op de plek van Wouter Bos hebben gezien. Maar Rehwinkel, is bepaald niet dom en heeft gekozen voor een bestaan in de politieke luwte, als burgemeester van het prachtige Naarden. Niks mis mee hoor; alleen zou hij, naar mijn bescheiden mening, veel meer voor ons land kunnen betekenen. Naarden’s gain, is Holland’s loss!
Er werd eerst gesproken over het Midden Oosten, ik arriveerde te laat om daar veel van te hebben meegekregen, maar vooral Soentendorp, getuigde van een inzicht dat ik bewonderenswaardig vind.
In een telefoongesprek beweert Gerard Mulder dat hij en Arlman al het materiaal, dat zij hadden over Den Uyl, aan de schrijfster Annet Bleich van de onlangs verschenen biografie, ter beschikking hebben gesteld. Annet Bleich, vermeldt dit ook in het boek, zoals het hoort, netjes. Minder te spreken is Mulder, over de eerdergenoemde schrijfster, omdat zij het in haar boek doet voorkomen alsof zij en niet Mulder en Arlman, de doofpot affaire ontdekte.
Mulder, beweerde bovendien, dat andere media destijds niet op zijn artikel in Vrij Nederland, uit een soort jaloezie, een soort broodnijd zijn ingegaan.
Ik heb zelf menigmaal kunnen vaststellen dat sommige journalisten het niet zo nauw nemen met de waarheid en ben dus altijd op mijn hoede als er boude beweringen in de media staan. Neem nooit wat er in de krant staat, met uitzondering van het Nederlands Dagblad, voor zoete koek aan. Als er onwaarheden in het Nederlands Dagblad staan, zijn dit nooit leugens, maar foutjes van journalisten, meestal omdat ze niet goed zijn geïnformeerd, soms omdat ze dingen anders interpreteren dan bedoeld.
Ik moet zeggen dat ik wel blij was met het feit dat Den Uyl de monarchie gered heeft. Ik ben bevoorrecht af te stammen van een lijn waar men in woord en daad bereid was en ik hoop nog steeds is, om voor Koningin en Vaderland het hoogste offer te brengen. Die bereidheid was er bij mijn vader en moeder, het heeft een haartje gescheeld of ik had hier niet deze bazelingen aan mijn harde schijf kunnen toevertrouwen. Teveel van hun familieleden en vrienden, hebben deze daad, ook bij het woord moeten voegen.
Een pluspuntje voor Den Uyl, gelukkig, hoe minder negatieve gevoelens jegens anderen hoe beter!
Prins Bernhard en steekpenningen, vindt U dat niet vreselijk Opa? Neen.
Grote ondernemingen over de gehele wereld, hebben budget om te ‘lubriceren’. In absolute bedragen, astronomisch hoog, maar procentueel gezien, te verwaarlozen, eerder enkele promillen. Overal ter wereld zijn deze bestedingen fiscaal aftrekbaar. Dat zal jullie niet verbazen, staten, ook de Nederlandse, eisen dat er belasting wordt geheven over crimineel verkregen geld en hoeren in dit land, zijn verplicht om behalve BTW ook inkomstenbelasting af te dragen. Er is niemand benadeeld toen Prins Bernhard een paar miljoen, voor bewezen diensten, kon toucheren.
Kon toucheren, is natuurlijk net iets anders dan mocht toucheren. Een foutje van de Prins, een beetje dom zou een nu alom gewaardeerd lid van de Koninklijke familie hebben kunnen zeggen.
Heel begrijpelijk vind ik. De Prins had niet alleen dure hobby’s, maar ook nog tenminste een paar dochters, waar de meeste van ons tot voor kort niets van afwisten. Het spreekt voor zich dat hij als goede vader wenste dat het deze kinderen aan niets zou ontbreken. Dat hij over fondsen kon beschikken, waar andere terecht meekijkenden niets over wisten, zal mooi meegenomen zijn geweest.
Prins Bernhard was een goed en mooi mens. Neem dat maar van Opa Paul aan. Hij wist wat er in het leven belangrijk was. Hij wist te genieten van al het moois dat deze wereld te bieden had; spande zich in om het mooi te houden, had een hekel aan onrecht en deed er wat aan, zelfs wanneer het protocol anders vereiste. Hij was bereid om voor zijn nieuwe vaderland, te vechten tegen zijn oorspronkelijke en heeft zijn leven meerdere malen dapper in de waagschaal gelegd. Als geen ander wist hij vriendschap en kameraadschap de plek te geven die het verdient. Zijn vrienden, ook die in nood, konden altijd op hem rekenen. Ongevraagd, kwam hij hen te hulp, wanneer hij vernam dat het niet helemaal goed ging.
Het heeft jaren en jaren geduurd, voordat de Poolse generaal Stanislaw Sosakowski en zijn manschappen, die erkenning en waardering kregen, die hun moed en offers voor Nederland verdienden. Mede, neen vooral, dankzij Prins Bernhard.
Ok, hij vloog wel eens zonder de vereiste brevetten; reed soms een tikkeltje te hard, parkeerde zijn bolide wel eens ongelukkig, schoot wel eens een eend terwijl de zon al meer dan een uur onder was; liet zijn oog wel eens vallen op bevallige jongedames (een vreemde vriend van mij destijds werkzaam op een ambassade; werd bij een bezoek van de Prins gevraagd door één van zijn adjudanten om een afspraak te regelen met een wel zeer goed geproportioneerde medewerkster, mijn vriend deed het niet. Stom, ik zou het wel hebben gedaan; tenzij ik zelf een verhouding met haar had, natuurlijk. Pieter, toch, dat ik niet eerder aan die mogelijkheid heb gedacht!;-) en dat van die financiële douceurtjes, dat had zo geregeld moeten worden dat het nooit wereldkundig werd; daar heb je als Prins toch stromannen voor?
dinsdag 19 februari 2008
Intermezzo
Ik hoorde van Herman bij GzG een leuke mop. Dat gebeurt wel vaker; maar ze zijn meestal niet voor publicatie op een site, waar ook jeugdigen komen, geschikt.
Zo'n vrouw eind dertig, Schots rokje, Cartier zonnebril op hoofd, uggies, Rolex horloge, de hele sante kliek, (je ziet ze bijna nooooit bij HBS.), komt bij de huisarts. Ze kennen elkaar al jaren.
Dame: "Ewout Eelco, ik ben door een wesp gestoken en heb er veel last van."
Huisarts: "Ach wat vervelend Marie Claire, waar ben je gestoken?"
Dame: "Dat kan ik je echt niet zeggen."
Huisarts: ""Ja maar,.."
Dame: "Ik geneer me zo, ik kan het je echt niet vertellen."
Huisarts: "Maar Marie Claire hoe verwacht je dat ik iets voor je kan doen als je het mij niet vertelt. Je weet toch dat mijn lippen verzegeld zijn. Zeg op."
Dame, zacht fluisterend: "Toe maar, bij de Aldi."
Vannacht, Man bijt hond.
Een kwezel bepleit het be-eindigen van de jacht op ganzen en het doden van duizenden van deze dieren; terwijl hij een tiental tamme ganzen hoedt en onzin uitkraamt over hoe je kunt voorkomen dat er schade komt.
Alweer zo'n leugenaar, die zijn een podium krijgt om die verachtelijke jacht onder de aandacht van het publiek te krijgen. Het zou verboden moeten worden!
Beste lezers, het goede nieuws is dat de jacht op ganzen reeds sinds 1999 is verboden. Reden voor honderden Nederlandse ganzenjagers om hun heil elders te zoeken. Polen, Hongarije, Rusland, het Verenigd Koninkrijk, Egypte en ga zo maar door.
De ganzen waarmee het heerschap in beeld kwam, tamme ganzen zijn nooit bejaagbaar geweest. Je kunt niet uitsluiten dat er af en toe een paar zijn afgeknald door een gefrustreerde boer die het lawaai en de stront beu was. Maar dan was de boer in overtreding.
Dat de jacht verboden is betekent overigens niet dat er af en toe ganzen worden gedood met een speciale door het Ministerie verleende ontheffing. Schade die ganzen veroorzaken, het loopt jaarlijks in de miljoenen, neemt steeds meer toe. Die miljoenen komen uit een schadefonds, die jaarlijks door de jagers verplicht wordt gespekt.
Idioot, zo'n situatie, je mag er niet op jagen, maar moet er wel voor betalen. De lui, die veel misbaar maken, daarentegen en zorgen dat er steeds meer beperkende maatregelen tegen de jacht komen en indirect voor grotere schade, vogelgriep en wat dies meer zei zorgen; doen dit zonder dat zij een sou worden belast.
Onder de jagers, het zijn net mensen, zijn er die desgevraagd bereid zijn om deel te nemen aan het afschieten van ganzen. Ik niet, als je de jacht verbiedt, moet je de nare gevolgen maar voor lief nemen.
Overigens, Nijl- en Canadese ganzen, zijn geclassificeerd als excoten en mogen het gehele jaar, zonder vergunning worden geschoten. Deze uitheemse volgels, voor sommigen evenals, de door de romeinen ingevoerde fazant, waarvoor echter wel een schoontijd geldt, contamineren de inheemse fauna. Lieden als Adolf Hitler, verklaarden dit van toepassing op alle fauna.
De anti's blijken ook over gezond verstand te beschikken. Het plan om wolven weer te introduceren om grof wild weer predatoren, anders dan de mens, te bieden die ze kunnen opruimen; duikt regelmatig op.
Zo'n vrouw eind dertig, Schots rokje, Cartier zonnebril op hoofd, uggies, Rolex horloge, de hele sante kliek, (je ziet ze bijna nooooit bij HBS.), komt bij de huisarts. Ze kennen elkaar al jaren.
Dame: "Ewout Eelco, ik ben door een wesp gestoken en heb er veel last van."
Huisarts: "Ach wat vervelend Marie Claire, waar ben je gestoken?"
Dame: "Dat kan ik je echt niet zeggen."
Huisarts: ""Ja maar,.."
Dame: "Ik geneer me zo, ik kan het je echt niet vertellen."
Huisarts: "Maar Marie Claire hoe verwacht je dat ik iets voor je kan doen als je het mij niet vertelt. Je weet toch dat mijn lippen verzegeld zijn. Zeg op."
Dame, zacht fluisterend: "Toe maar, bij de Aldi."
Vannacht, Man bijt hond.
Een kwezel bepleit het be-eindigen van de jacht op ganzen en het doden van duizenden van deze dieren; terwijl hij een tiental tamme ganzen hoedt en onzin uitkraamt over hoe je kunt voorkomen dat er schade komt.
Alweer zo'n leugenaar, die zijn een podium krijgt om die verachtelijke jacht onder de aandacht van het publiek te krijgen. Het zou verboden moeten worden!
Beste lezers, het goede nieuws is dat de jacht op ganzen reeds sinds 1999 is verboden. Reden voor honderden Nederlandse ganzenjagers om hun heil elders te zoeken. Polen, Hongarije, Rusland, het Verenigd Koninkrijk, Egypte en ga zo maar door.
De ganzen waarmee het heerschap in beeld kwam, tamme ganzen zijn nooit bejaagbaar geweest. Je kunt niet uitsluiten dat er af en toe een paar zijn afgeknald door een gefrustreerde boer die het lawaai en de stront beu was. Maar dan was de boer in overtreding.
Dat de jacht verboden is betekent overigens niet dat er af en toe ganzen worden gedood met een speciale door het Ministerie verleende ontheffing. Schade die ganzen veroorzaken, het loopt jaarlijks in de miljoenen, neemt steeds meer toe. Die miljoenen komen uit een schadefonds, die jaarlijks door de jagers verplicht wordt gespekt.
Idioot, zo'n situatie, je mag er niet op jagen, maar moet er wel voor betalen. De lui, die veel misbaar maken, daarentegen en zorgen dat er steeds meer beperkende maatregelen tegen de jacht komen en indirect voor grotere schade, vogelgriep en wat dies meer zei zorgen; doen dit zonder dat zij een sou worden belast.
Onder de jagers, het zijn net mensen, zijn er die desgevraagd bereid zijn om deel te nemen aan het afschieten van ganzen. Ik niet, als je de jacht verbiedt, moet je de nare gevolgen maar voor lief nemen.
Overigens, Nijl- en Canadese ganzen, zijn geclassificeerd als excoten en mogen het gehele jaar, zonder vergunning worden geschoten. Deze uitheemse volgels, voor sommigen evenals, de door de romeinen ingevoerde fazant, waarvoor echter wel een schoontijd geldt, contamineren de inheemse fauna. Lieden als Adolf Hitler, verklaarden dit van toepassing op alle fauna.
De anti's blijken ook over gezond verstand te beschikken. Het plan om wolven weer te introduceren om grof wild weer predatoren, anders dan de mens, te bieden die ze kunnen opruimen; duikt regelmatig op.
maandag 18 februari 2008
16 februari 2008, "The 3 lives of Thomasina"
Iedere keer is het voor Opa Paul genieten als hij naar een uitvoering van één of meerdere van zijn kleinkinderen mag. Drie van de vier spelen piano en twee van de vier ook viool. Ook op deze zaterdag, dat mijn liefste Essie, 41 is geworden, is er een voorstelling.
Mijn oudste kleinkind, Kim, net 18 geworden, heeft andere interesses. Zij studeert hard, kan in 20 sessies simultaan chatten en heeft haar voorliefde voor eikels met een baseball petje afgezworen en verschijnt nu met Wouter in het openbaar. Wouter heeft geen pet op, heeft een beetje Indisch bloed, afwachten maar wat voor vlees wij in de kuip hebben. Uit voorzorg heb ik hem fijntjes te kennen gegeven wat hem te wachten staat als hij mijn kleindochter pijn doet. Vreselijk, maar ik kan het niet laten. Vooral na die prachtige Turkse soap, die mij wekenlang uit mijn slaap hield, omdat het hele nachten lang door de NPS werd uitgezonden, “Asmali Konak”. Het speelt zich af in de 21e eeuw, conflicten tussen generaties, stedelingen en plattelanders, feodale toestanden, eer en eerwraak. Prachtige, normen en waarden. Waar familie-eer nog telt. Kunnen wij wat van leren.
Deze keer had Lenneke Willems, de violiste die David al jaren de beginselen van het vioolspel tracht bij te brengen, “The three lives of Thomasina” naar het verhaal van Paul Gallico, als rode draad voor de muziekuitvoering gekozen.
(Dat David na jaren nog steeds met de beginselen bezig is. Ligt zeker niet aan zijn vioollerares. Ook niet aan gebrek aan talent bij David. Hij heeft een ferme strijk en produceert een mooie klank; maar tijdgebrek, hij is ook nog druk met school, piano, voetbal, tennis, boxen, om het in het voorjaar en zomer maar niet over cricket te hebben, is de oorzaak van de langzame vooruitgang van zijn vioolspel. Hij kan het gewoon niet opbrengen om een uurtje per dag te oefenen. Hetgeen natuurlijk heel logisch is, het is gewoon een kwestie van ambitienivo, tijd, veel tijd en prioriteiten stellen. Hij heeft de 1ste en 3e positie onder de knie; nog 5 en hij is waar een goede amateur violist moet zijn. Heel wat minder dan er in de Kama Sutra staan, maar met veel meer muziek!)
De uitvoering vindt plaats in het Koorenhuis. Het Haagse Centrum voor Kunst en Cultuur aan de Prinsegracht. Een werkelijk schitterende verzameling van gebouwen waar vrijwel iedere kunstuiting door iedereen kan worden bedreven. Het kost de Gemeente den Haag, een paar centen, heeft ook wel eens moeilijke tijden gekend; als ik mij niet vergis, heeft Arthur Docters van Leeuwen (ja, die van dat gedonder met Indische Winnie Sorgdrager en dezelfde die zich als VVD kandidaat terugtrok toen Teeven hoger op lijst werd gezet door de VVD – die natuurlijk niet als M kon meedoen in James Bond films, omdat hij al hoofd was van de BVD), de boel nog uit het slop gehaald. Al kost het de gemeente bakken met geld en deelnemers aan activiteiten best diep in de buidel moeten tasten; mag dat van mij. Het geld is aan een goed doel besteed, heel wat anders dan die miljoenen die als water naar de zee in FC Den Haag zijn en worden gepompt.
De zaal was propvol, op het podium was ook niet veel ruimte. Een vertelster, zo’n dertigtal violisten, waaronder enkele altviolen, een viertal celli of is het cello’s (jullie weten wel van die rechtopstaande violen die aan de Pokon hebben gelegen), één hele uit de kluiten gewassen contrabas en centraal een keyboard of was het een elektrische piano? Er kwam nog even een jonge zangeres op met een prachtige vertolking van een Schots liedje, begeleid door een Spaanse gitaar, een cello en laat ik het maar de elektrische piano noemen.
Iedere keer als er zo’n uitvoering is valt het mij op; hoe veel mooier het klinkt dan de vorige keer. Ook hoeveel de kinderen zijn gegroeid. Niet alleen qua spel, maar ook lichamelijk. Het verloop is ook uitermate klein. De groteren vallen af; waarschijnlijk omdat zij hun kunsten in ander gezelschap vertonen of misschien omdat ze elders zich meer in het spel bekwamen. De nieuwe gezichten die mij opvallen hebben steevast zo’n halve kinderviool. Het wordt eigenlijk alleen maar leuker en mooier.
Nou was Paul Gallico, niet één van mijn favoriete Amerikaanse schrijvers, toen ik in een vorig leven mij bezighield met moderne 20ste eeuwse engelse literatuur. Hij had een zekere beroemdheid als schrijver van belangrijke filmscripts; maar zijn roem vergaarde hij met zijn korte verhalen. Naar mijn mening heel wat minder boeiend dan Somerset Maugham. Met Arthur Docters van Leeuwen, had hij gemeen dat hij in zijn jonge jaren, erotische verhalen heeft gepubliceerd.
Het verhaal speelt zich af op het idyllische Schotse platteland. De artiesten hadden zich ‘Schots’ uitgedost ik meende een paar Mc Donalds varianten te herkennen en zelfs een Buchanan, maar zat te ver van het podium om het goed te kunnen zien. Er was een aantal jonge dames met fraaie groene Tam O’Shanters. Ik heb helaas geen jongen in een kilt gezien. Ik zou op die leeftijd ook niet met stokslagen het podium op te slaan zijn met een kilt en de verplicht ontbrekende onderbroek. Nu nog niet, schiet mij te binnen.
Geanimeerd vertelde de vertelster haar verhaal; prachtig aangevuld met professionele audio- en visuele effecten; om te pauzeren voor een passend muziekstuk; vrolijk, melancholiek op z’n tijd ook plechtig en droevig. Een jongeman demonstreerde hoe mooi en vol een cello kan klinken en een viertal jonge violisten speelden al dan niet solo; allemaal heel verdienstelijk om maar niet al te veel superlatieven te gebruiken.
Ik vind de solo’s altijd een bron van hoop. Hoop voor die onfortuinlijke familie- en gezinsleden, die de eerste oefeningen van een beginnend violist moeten aanhoren; voorwaar niet altijd een pretje. Ik ben altijd een rotvent geweest. Jaren geleden, toen mijn andere ook prachtige kleindochter Eline net met viool was begonnen, vroeg ik haar om een stukje te spelen. De lessenaar werd klaargezet. De viool uit de kist of is het een koffer gehaald. Er werd gecontroleerd of het instrument wel goed gestemd was en de muziek begon. Het geluid dat werd geproduceerd was zo in contrast met haar werkelijk perfecte houding dat ik idioot die ik ben, in lachen uitbarstte en niet kon ophouden totdat ik de gekwetste blik in haar ogen zag. Ze keek niet boos, maar verdrietig en ik voelde mij lullig. Het heeft heel wat tijd gekost voordat Eline weer voor mij wilde spelen. Niet alleen op de viool maar ook op de piano. Muzikaal zijn mijn spelende kleinkinderen mij allemaal voorbij gestreefd; met als prima donna de kleindochter waarvoor Beethoven “Für Eline” schreef. Zij heeft dan ook een bijzondere eigen interpretatie van dit lied.
De uitvoering was zo voorbij. How time flies when you are having fun. Na zo’n klein uurtje merk ik dan dat mijn teer- en nicotinegehalte ernstig aanvulling nodig heeft. Na de toegift snel ik mij naar buiten, ik zou toch eigenlijk zo’n supersmoker moeten aanschaffen; maar ik hou niet van nep en namaak. Buiten, zag ik meerdere muzikanten het pand verlaten. De meeste al weer bezig met hun volgende agendapunt; inderdaad de jeugd heeft het druk tegenwoordig. Enkele opgelucht en een klein aantal ontevreden, onder andere de soliste, waarvan ik hoopte dat Eline en David snel haar niveau zullen bereiken. Zij heeft in ieder geval de juiste mentaliteit, het streven naar perfectie.
Mijn David, moet U natuurlijk niet verwarren met David Garrett, de violist die op 14 februari j.l. op zijn 290 jaar oude Stradivarius viel en het instrument verpletterde. Gelukkig was het geen nieuwe;-)
Mijn oudste kleinkind, Kim, net 18 geworden, heeft andere interesses. Zij studeert hard, kan in 20 sessies simultaan chatten en heeft haar voorliefde voor eikels met een baseball petje afgezworen en verschijnt nu met Wouter in het openbaar. Wouter heeft geen pet op, heeft een beetje Indisch bloed, afwachten maar wat voor vlees wij in de kuip hebben. Uit voorzorg heb ik hem fijntjes te kennen gegeven wat hem te wachten staat als hij mijn kleindochter pijn doet. Vreselijk, maar ik kan het niet laten. Vooral na die prachtige Turkse soap, die mij wekenlang uit mijn slaap hield, omdat het hele nachten lang door de NPS werd uitgezonden, “Asmali Konak”. Het speelt zich af in de 21e eeuw, conflicten tussen generaties, stedelingen en plattelanders, feodale toestanden, eer en eerwraak. Prachtige, normen en waarden. Waar familie-eer nog telt. Kunnen wij wat van leren.
Deze keer had Lenneke Willems, de violiste die David al jaren de beginselen van het vioolspel tracht bij te brengen, “The three lives of Thomasina” naar het verhaal van Paul Gallico, als rode draad voor de muziekuitvoering gekozen.
(Dat David na jaren nog steeds met de beginselen bezig is. Ligt zeker niet aan zijn vioollerares. Ook niet aan gebrek aan talent bij David. Hij heeft een ferme strijk en produceert een mooie klank; maar tijdgebrek, hij is ook nog druk met school, piano, voetbal, tennis, boxen, om het in het voorjaar en zomer maar niet over cricket te hebben, is de oorzaak van de langzame vooruitgang van zijn vioolspel. Hij kan het gewoon niet opbrengen om een uurtje per dag te oefenen. Hetgeen natuurlijk heel logisch is, het is gewoon een kwestie van ambitienivo, tijd, veel tijd en prioriteiten stellen. Hij heeft de 1ste en 3e positie onder de knie; nog 5 en hij is waar een goede amateur violist moet zijn. Heel wat minder dan er in de Kama Sutra staan, maar met veel meer muziek!)
De uitvoering vindt plaats in het Koorenhuis. Het Haagse Centrum voor Kunst en Cultuur aan de Prinsegracht. Een werkelijk schitterende verzameling van gebouwen waar vrijwel iedere kunstuiting door iedereen kan worden bedreven. Het kost de Gemeente den Haag, een paar centen, heeft ook wel eens moeilijke tijden gekend; als ik mij niet vergis, heeft Arthur Docters van Leeuwen (ja, die van dat gedonder met Indische Winnie Sorgdrager en dezelfde die zich als VVD kandidaat terugtrok toen Teeven hoger op lijst werd gezet door de VVD – die natuurlijk niet als M kon meedoen in James Bond films, omdat hij al hoofd was van de BVD), de boel nog uit het slop gehaald. Al kost het de gemeente bakken met geld en deelnemers aan activiteiten best diep in de buidel moeten tasten; mag dat van mij. Het geld is aan een goed doel besteed, heel wat anders dan die miljoenen die als water naar de zee in FC Den Haag zijn en worden gepompt.
De zaal was propvol, op het podium was ook niet veel ruimte. Een vertelster, zo’n dertigtal violisten, waaronder enkele altviolen, een viertal celli of is het cello’s (jullie weten wel van die rechtopstaande violen die aan de Pokon hebben gelegen), één hele uit de kluiten gewassen contrabas en centraal een keyboard of was het een elektrische piano? Er kwam nog even een jonge zangeres op met een prachtige vertolking van een Schots liedje, begeleid door een Spaanse gitaar, een cello en laat ik het maar de elektrische piano noemen.
Iedere keer als er zo’n uitvoering is valt het mij op; hoe veel mooier het klinkt dan de vorige keer. Ook hoeveel de kinderen zijn gegroeid. Niet alleen qua spel, maar ook lichamelijk. Het verloop is ook uitermate klein. De groteren vallen af; waarschijnlijk omdat zij hun kunsten in ander gezelschap vertonen of misschien omdat ze elders zich meer in het spel bekwamen. De nieuwe gezichten die mij opvallen hebben steevast zo’n halve kinderviool. Het wordt eigenlijk alleen maar leuker en mooier.
Nou was Paul Gallico, niet één van mijn favoriete Amerikaanse schrijvers, toen ik in een vorig leven mij bezighield met moderne 20ste eeuwse engelse literatuur. Hij had een zekere beroemdheid als schrijver van belangrijke filmscripts; maar zijn roem vergaarde hij met zijn korte verhalen. Naar mijn mening heel wat minder boeiend dan Somerset Maugham. Met Arthur Docters van Leeuwen, had hij gemeen dat hij in zijn jonge jaren, erotische verhalen heeft gepubliceerd.
Het verhaal speelt zich af op het idyllische Schotse platteland. De artiesten hadden zich ‘Schots’ uitgedost ik meende een paar Mc Donalds varianten te herkennen en zelfs een Buchanan, maar zat te ver van het podium om het goed te kunnen zien. Er was een aantal jonge dames met fraaie groene Tam O’Shanters. Ik heb helaas geen jongen in een kilt gezien. Ik zou op die leeftijd ook niet met stokslagen het podium op te slaan zijn met een kilt en de verplicht ontbrekende onderbroek. Nu nog niet, schiet mij te binnen.
Geanimeerd vertelde de vertelster haar verhaal; prachtig aangevuld met professionele audio- en visuele effecten; om te pauzeren voor een passend muziekstuk; vrolijk, melancholiek op z’n tijd ook plechtig en droevig. Een jongeman demonstreerde hoe mooi en vol een cello kan klinken en een viertal jonge violisten speelden al dan niet solo; allemaal heel verdienstelijk om maar niet al te veel superlatieven te gebruiken.
Ik vind de solo’s altijd een bron van hoop. Hoop voor die onfortuinlijke familie- en gezinsleden, die de eerste oefeningen van een beginnend violist moeten aanhoren; voorwaar niet altijd een pretje. Ik ben altijd een rotvent geweest. Jaren geleden, toen mijn andere ook prachtige kleindochter Eline net met viool was begonnen, vroeg ik haar om een stukje te spelen. De lessenaar werd klaargezet. De viool uit de kist of is het een koffer gehaald. Er werd gecontroleerd of het instrument wel goed gestemd was en de muziek begon. Het geluid dat werd geproduceerd was zo in contrast met haar werkelijk perfecte houding dat ik idioot die ik ben, in lachen uitbarstte en niet kon ophouden totdat ik de gekwetste blik in haar ogen zag. Ze keek niet boos, maar verdrietig en ik voelde mij lullig. Het heeft heel wat tijd gekost voordat Eline weer voor mij wilde spelen. Niet alleen op de viool maar ook op de piano. Muzikaal zijn mijn spelende kleinkinderen mij allemaal voorbij gestreefd; met als prima donna de kleindochter waarvoor Beethoven “Für Eline” schreef. Zij heeft dan ook een bijzondere eigen interpretatie van dit lied.
De uitvoering was zo voorbij. How time flies when you are having fun. Na zo’n klein uurtje merk ik dan dat mijn teer- en nicotinegehalte ernstig aanvulling nodig heeft. Na de toegift snel ik mij naar buiten, ik zou toch eigenlijk zo’n supersmoker moeten aanschaffen; maar ik hou niet van nep en namaak. Buiten, zag ik meerdere muzikanten het pand verlaten. De meeste al weer bezig met hun volgende agendapunt; inderdaad de jeugd heeft het druk tegenwoordig. Enkele opgelucht en een klein aantal ontevreden, onder andere de soliste, waarvan ik hoopte dat Eline en David snel haar niveau zullen bereiken. Zij heeft in ieder geval de juiste mentaliteit, het streven naar perfectie.
Mijn David, moet U natuurlijk niet verwarren met David Garrett, de violist die op 14 februari j.l. op zijn 290 jaar oude Stradivarius viel en het instrument verpletterde. Gelukkig was het geen nieuwe;-)
Labels:
Beethoven,
cello,
Für Eline,
Koorenhuis,
Lenneke Willems,
viool
Belofte maakt schuld,
Enige tijd geleden bezocht ik Mogogo. http://www.mogogorestaurant.blogspot.com/ ik schreef toen:
Als er gelegenheid is, kijk ik graag naar de trainingen van mijn kleinzoons. Gelukkig is er over animo niet te klagen en word er bij vlagen zelfs hard gewerkt. Ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is, gaat volgens mij ook op voor trainingsstaf. Chris cs, hebben een andere aanpak dan Robin en Bart, hebben ook andere oefenstof en ik vermaak mij dan ook prima langs de kant. Vorig seizoen was vorig seizoen en dit seizoen is dit seizoen, ze hebben gemeen dat het goed toeven is langs de kant, als de kleinzonen bezig zijn. Een vaste klant is de jullie allen bekende Rein H. Bij een vorige gelegenheid had hij mij een papiertje in handen geduwd. Deze keer was het niet een afdruk van een webpagina over een competitiestand, maar een menu. Een menu van een Eritrees restaurant, hij raadde mij aan er eens te gaan eten.
Nu is, zoals sommigen van jullie aan mijn ranke figuur zullen hebben vermoed, eten geen onaangename bezigheid voor mij. Ik mag wel stellen, dat ik goed en lekker eten, een van de meest aangename vormen van vrije tijdsbesteding vind. Het zijn natuurlijk wel subjectieve begrippen. Want wat voor de een goed is, behoeft de ander niet lekker te vinden en andersom.
Het zal wel met mijn jeugd te maken hebben, zoals bijna alles. Een groot gedeelte van mijn prille jeugd heb ik in Nederlands Indië doorgebracht. Wij woonden daar in een naar Haagse begrippen groot huis, met een voor en achtertuin. In de achtertuin stonden fruitbomen en scharrelden kippen rond. Mijn vader en moeder woonden met hun kinderen in het voorste gedeelte van het huis. Aan het eind van de achtergalerij woonden de bedienden. Het leven voor de dame des huizes in Indië was zwaar. Zij moest iedere dag een menu verzinnen voor de twee warme maaltijden, zorgen dat een bediende de juiste ingrediënten kocht, controleren dat de kamers tijdig werden geveegd en gedweild, dat de tuin werd gedaan, dat de kinderen naar school werden gehaald en gebracht, dat er met onverwachte gasten werd rekening gehouden, dat de kleintjes regelmatig werden gebaad, dat de kleren werden gewassen en gestreken. Enfin, zo maar een greep uit een hoop zware taken.
Als klein kind, mocht je natuurlijk nadat je was gebaad, verschoond en opgetut, altijd wel even op schoot bij Papa en of Mama. Er zat ook altijd wel een kusje in van beiden voordat je door een baboe naar bed werd gebracht en ingetukt. Eigenlijk deed de baboe wel een heleboel in huis. Als klein jongetje had ik een goede verstandhouding met mijn baboe. Zij stopte mij altijd de lekkerste hapjes toe, ook al was het ten strengste verboden. Mee eten met de bedienden was uit den boze. Zij kookten hun eten in een andere keuken, laten wij maar zeggen kleiner en iets soberder ingericht dan de onze. Maar het eten was op z’n minst even lekker.
Ik keek altijd halsreikend uit naar dagen dat er kip op het menu stond. Afhankelijk van het aantal eters moesten er dan één of twee kippen aan geloven. Neen, baboe ging niet naar de poelier of supermarkt, om daar in plastic gehulde, ontweide en van veren ontdane al dan niet geportioneerde kipvogel te halen Het ging iets anders. Zij zette een ketel water op en als het bijna kookte, begaf zij zich naar de tuin met een scherp mes, geen hakmes maar zo’n koksmes van een centimeter of 20. Het mes was overigens verstopt in een doek. Het toekomstig slachtoffer zou wel eens kunnen schrikken of angst krijgen bij de aanblik.
Ik mocht vaak helpen de kip te vangen op aanwijzingen van baboe. Welke criteria er golden is mij ontgaan, maar na een visuele inspectie, volgde een soort endoscopie, baboe stak dan een pink in het rectum (ik veronderstel dat de juiste benaming voor het achterend van een kip is) en voelde. Als de aanwezigheid van een ei werd geconstateerd, kreeg het beestje respijt, zo niet, dan werden de vleugels bij elkaar gedrukt en stevig onder één van baboes blote voeten op de grond geklemd. Met de linker hand werd de kop stilgehouden, terwijl de rechter wat veertjes uit de hals trok, om een reepje van een paar centimeter blote hals zichtbaar te maken. Niet zichtbaar voor de kip, omvatte de rechterhand het handvat en onder zacht geprevel van “Ja Allah Bismillah”, of woorden van gelijke strekking, werd snel een flinke snee gemaakt. Het bloed spoot er dan uit, baboe bleef met ene haar voet de vleugels op de grond drukken, terwijl zij kop en poten vasthield. Meestal schokte het lijfje even en was het snel gebeurd met de kip. Als het meezat niet; dan was baboe vaak bereid, er mocht natuurlijk geen ouder in de buurt zijn, het dier los te laten, waarna de kip zonder kop, enkele minuten door de tuin waggelde tot groot vermaak van baboe en de aanwezige kinderen, om uiteindelijk dan toch de laatste adem uit te blazen.
Dat was natuurlijk slechts een deel van de lol. Nadat de laatste druppel bloed, uit het beest was gepompt werd het in warm water gedompeld en vakkundig van alle veren ontdaan. Residuen van veren werden snel boven een vuurtje weggeschroeid, de poten werden ter hoogte van de knie doorgesneden, de teennagels afgesneden, de kop werd losgesneden, een snee onder aan de nek gaf toegang naar de krop, die werd geleegd en de inhoud weggegooid. Een snee in de buik, voorzichtig, zodat geen darmen werden beschadigd. De hele inhoud van de buik werd handmatig verwijderd. Er werd wat gerommeld in de holte en de nek werd bij de kop en het onderste deel van de poten in een schaaltje gelegd. Daar kwamen bij de lever, nadat de galblaas onbeschadigd was verwijderd, (een beschadigde galblaas maakt de lever en alles waarmee gal, groene prut, in aanraking komt oneetbaar bitter), het maagje, dat werd opgesneden, waarna inhoud en vlies werden weggegooid, het doorgesneden hartje en de dunste kootjes van de vleugels. Als laatste kwamen de zorgvuldig gereinigde darmen erbij, ontdaan van iedere inhoud lijkt een darm een beetje op een leeggelopen witte zeepier en ging het schaaltje naar de bedienden-keuken. Hoe baboe het deed, weet ik niet, maar nog voordat wij in het voorste deel van het huis aan de maaltijd begonnen, had zij haar maaltje al gereed. Ik zorgde natuurlijk dat ik in de buurt was, altijd goed voor een overheerlijke satestok, waarop van buiten knapperige en van binnen zachte gebakken kippendarm was geregen; of een klein kommetje soep, met de kippenkop. Heerlijk om uit te zuigen die kippenhersens.
Een andere reden waarom ik alles eet wat eetbaar wordt geacht is, dat mijn vader absoluut geen begrip kon opbrengen voor restjes eten op een bord. Het moest schoon op. De goede man, was na zijn veroordeling tot levenslange gevangenisstraf door de Japanners, jappen, zegt mijn lieve moedertje, enigszins getraumatiseerd. Er was in die tijd geen kindertelefoon of een forum, waarbij je beklag kon doen wanneer je naar jouw mening te heftig werd gestraft, dus onderging ik gelaten mijn lot. Soms was ik op school de held, omdat ik van die fraaie striemen had, waar als het tegenzat enkele druppeltjes bloed aan kleefden. Maar mijn vader was een goede Christen, al paste hij sommige passages uit de bijbel iets te letterlijk toe naar mijn smaak. Hoewel opportunisme mij niet geheel vreemd is, kon ik mij vaak niet toe brengen om daar waar een excuus, verontschuldiging, een pak slaag zou hebben voorkomen, deze te ontlopen. Een zekere koppigheid, wanneer het om rechtvaardigheid gaat, heeft mij volgens mijn omgeving mij veel parten gespeeld. Ach ik heb ook ongemerkt streken uitgehaald waar de honden geen brood van lusten, maar dat is different koek.
Mijn bord leeg eten zonder enige tegenzin te laten blijken, is een eigenschap die ik heb ontwikkeld en die soms heel goed van pas komt. De eerlijkheid gebied dat het mij niet lukte om bij restaurant Mogogo mijn bord leeg te eten.
Niet omdat het niet te eten was, integendeel het was verrassend smakelijk, maar ik kreeg porties waar Van der Valk nog van kan leren, joekels.
Ik begon met Ass. Mijn engels sprekende vrienden zouden bij het horen van de naam van dit gerecht, vragend hun wenkbrauwen fronzen, niets vreemds hoor, een ruime portie in witte wijn gemarineerde inktvis. Goed van smaak, een aanrader! Je krijgt geen bestek, dus lepel je het voedsel naar binnen met een stukje laat ik het maar pannenkoek noemen, dat je in je rechterhand houdt. Ook als je linkshandig zou zijn, laten wij het maar op houden dat in grote delen van de wereld, de linkerhand wordt gebruikt voor allerlei noodzakelijke hygiënische taken, die een normaal mens niet graag met eten associeert, vandaar de voor sommige van ons als vreemd ervaren “onreinheid” van dat lichaamsdeel. Ach ja, in de tijd dat deze opvatting ontstond eeuwen geleden, waren de nu alom bekende sterilisatiemiddelen non existent.
Na de smakelijke ass, koos ik voor heerlijke lamspens. Waarschijnlijk zullen de meeste van jullie, iets anders kiezen, maar ik ben eenmaal een liefhebber van orgaanvlees. Jaren geleden had je in Scheveningen naast de “Golden duck”, “Les pieds dans l’eau” een voortreffelijke eetgelegenheid waar ik het niet kon laten om twee voorgerechten te nemen – St Jacobsschelpen in een overheerlijke Nouilly Prat saus en de “drie vriendjes”, kalfszwezerik, -hersens en –nier, gepocheerd, koud met een vinaigrette om je vingers bij af te likken. De uitbaters, een echtpaar Henk en Irene, gingen uit elkaar; het restaurant ter ziele – eeuwig zonde!
Terug naar Mogogo; de lamspens had de juiste consistentie niet te zacht, niet te hard, de saus waarin het werd geserveerd, perfect gekruid. Pittig en goed gebalanceerd, geen overheersende smaken, lekker! Hier niet één, maar twee van die op het eerste gezicht op roti gelijkende pannenkoeken. Heel anders van structuur omdat er duidelijk meer gist in wordt verwerkt. Ik had de fout gemaakt om bij het verorberen van mijn ass, de saus tot de laatste druppel met zo’n pannenkoek op te vegen en het hele ding naar binnen te werken. Met gevolg dat ik anderhalve pannenkoek en een flink bord salade terug naar de keuken moest sturen, waar het onmiddellijk in de afvalton werd gekieperd. Een tip voor jullie jonge gasten: de kwaliteit van een restaurant beoordeel je mede aan de salades. De sla moet vers en knapperig zijn, als er tomaat in zit is dit ook een goede graadmeter.
Dat in een ton kieperen van onaangeraakt voedsel doet mij denken aan een anekdote dat ik een keer op de BBC zag, het ging over een dame, Debbe Santiago, ze was dakloos en hongerig, terwijl zij in een afvalton van een plaatselijke eetgelegenheid naar iets eetbaars aan het wroeten was, werd zij op haar schouder geklopt. Ze keek recht in het gezicht van een vriendelijk glimlachende dame die haar een pamflet overhandigde en terwijl ze wegliep zei “Jesus loves you”. Debbe zag toen het licht.
Mijn lamspens werd vergezeld van Afrikaans bier. Eerst bananenbier, geserveerd in een lege kokosdop, zo één waar in South Pacific, het koor van als vrouwen, verklede mariniers, de bustehouders waren gemaakt. Overigens nog een aanrader deze musical; waar vlak na de tweede wereld oorlog in Amerika, het nog steeds niet uitgebannen verschijnsel van etnische antipathieën aan de kaak wordt gesteld. Het lied “You’ve got to be carefully taught ”, geldt nog steeds, als je het niet wordt geleerd, krijg je geen hekel aan mensen alleen omdat ze een ander kleurtje hebben. Het bananenbier, was mij iets te zoet, maar er zijn meer mannelijke varianten genoeg.
Ik dwaal nog even af. Volgende week is er weer een vakantie en valt er weer van alles leuks te doen, als de weergoden tegen zitten, zal je dat misschien binnen moeten. Troggel je ouders een boek af “Van miljonair tot krantenjongen”. Lees het zorgvuldig en denk na over wat echt leuk en belangrijk is.
Én mocht je moeder, of je vader, in ieder geval diegene die bij jullie het eten liefdevol klaarmaakt geen zin hebben, bestel dan geen pizza of shoarma, maar ga gezellig met z’n allen naar Mogogo. Bestel datgene wat je lekker vind; vraag de gastvrouw om advies als je het niet weet. Lekker met z’n allen, met de rechterhand, rustig babbelend en etend, rond een groot bord, betaalbaar en het verstevigt de band. De riem om je middel;-)
De oplettende lezer zal zich afvragen wat heeft dit met "Belofte maakt schuld te maken"? Ik had rein beloofd een recentietje te schrijven. Bij deze Rein.
Als er gelegenheid is, kijk ik graag naar de trainingen van mijn kleinzoons. Gelukkig is er over animo niet te klagen en word er bij vlagen zelfs hard gewerkt. Ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is, gaat volgens mij ook op voor trainingsstaf. Chris cs, hebben een andere aanpak dan Robin en Bart, hebben ook andere oefenstof en ik vermaak mij dan ook prima langs de kant. Vorig seizoen was vorig seizoen en dit seizoen is dit seizoen, ze hebben gemeen dat het goed toeven is langs de kant, als de kleinzonen bezig zijn. Een vaste klant is de jullie allen bekende Rein H. Bij een vorige gelegenheid had hij mij een papiertje in handen geduwd. Deze keer was het niet een afdruk van een webpagina over een competitiestand, maar een menu. Een menu van een Eritrees restaurant, hij raadde mij aan er eens te gaan eten.
Nu is, zoals sommigen van jullie aan mijn ranke figuur zullen hebben vermoed, eten geen onaangename bezigheid voor mij. Ik mag wel stellen, dat ik goed en lekker eten, een van de meest aangename vormen van vrije tijdsbesteding vind. Het zijn natuurlijk wel subjectieve begrippen. Want wat voor de een goed is, behoeft de ander niet lekker te vinden en andersom.
Het zal wel met mijn jeugd te maken hebben, zoals bijna alles. Een groot gedeelte van mijn prille jeugd heb ik in Nederlands Indië doorgebracht. Wij woonden daar in een naar Haagse begrippen groot huis, met een voor en achtertuin. In de achtertuin stonden fruitbomen en scharrelden kippen rond. Mijn vader en moeder woonden met hun kinderen in het voorste gedeelte van het huis. Aan het eind van de achtergalerij woonden de bedienden. Het leven voor de dame des huizes in Indië was zwaar. Zij moest iedere dag een menu verzinnen voor de twee warme maaltijden, zorgen dat een bediende de juiste ingrediënten kocht, controleren dat de kamers tijdig werden geveegd en gedweild, dat de tuin werd gedaan, dat de kinderen naar school werden gehaald en gebracht, dat er met onverwachte gasten werd rekening gehouden, dat de kleintjes regelmatig werden gebaad, dat de kleren werden gewassen en gestreken. Enfin, zo maar een greep uit een hoop zware taken.
Als klein kind, mocht je natuurlijk nadat je was gebaad, verschoond en opgetut, altijd wel even op schoot bij Papa en of Mama. Er zat ook altijd wel een kusje in van beiden voordat je door een baboe naar bed werd gebracht en ingetukt. Eigenlijk deed de baboe wel een heleboel in huis. Als klein jongetje had ik een goede verstandhouding met mijn baboe. Zij stopte mij altijd de lekkerste hapjes toe, ook al was het ten strengste verboden. Mee eten met de bedienden was uit den boze. Zij kookten hun eten in een andere keuken, laten wij maar zeggen kleiner en iets soberder ingericht dan de onze. Maar het eten was op z’n minst even lekker.
Ik keek altijd halsreikend uit naar dagen dat er kip op het menu stond. Afhankelijk van het aantal eters moesten er dan één of twee kippen aan geloven. Neen, baboe ging niet naar de poelier of supermarkt, om daar in plastic gehulde, ontweide en van veren ontdane al dan niet geportioneerde kipvogel te halen Het ging iets anders. Zij zette een ketel water op en als het bijna kookte, begaf zij zich naar de tuin met een scherp mes, geen hakmes maar zo’n koksmes van een centimeter of 20. Het mes was overigens verstopt in een doek. Het toekomstig slachtoffer zou wel eens kunnen schrikken of angst krijgen bij de aanblik.
Ik mocht vaak helpen de kip te vangen op aanwijzingen van baboe. Welke criteria er golden is mij ontgaan, maar na een visuele inspectie, volgde een soort endoscopie, baboe stak dan een pink in het rectum (ik veronderstel dat de juiste benaming voor het achterend van een kip is) en voelde. Als de aanwezigheid van een ei werd geconstateerd, kreeg het beestje respijt, zo niet, dan werden de vleugels bij elkaar gedrukt en stevig onder één van baboes blote voeten op de grond geklemd. Met de linker hand werd de kop stilgehouden, terwijl de rechter wat veertjes uit de hals trok, om een reepje van een paar centimeter blote hals zichtbaar te maken. Niet zichtbaar voor de kip, omvatte de rechterhand het handvat en onder zacht geprevel van “Ja Allah Bismillah”, of woorden van gelijke strekking, werd snel een flinke snee gemaakt. Het bloed spoot er dan uit, baboe bleef met ene haar voet de vleugels op de grond drukken, terwijl zij kop en poten vasthield. Meestal schokte het lijfje even en was het snel gebeurd met de kip. Als het meezat niet; dan was baboe vaak bereid, er mocht natuurlijk geen ouder in de buurt zijn, het dier los te laten, waarna de kip zonder kop, enkele minuten door de tuin waggelde tot groot vermaak van baboe en de aanwezige kinderen, om uiteindelijk dan toch de laatste adem uit te blazen.
Dat was natuurlijk slechts een deel van de lol. Nadat de laatste druppel bloed, uit het beest was gepompt werd het in warm water gedompeld en vakkundig van alle veren ontdaan. Residuen van veren werden snel boven een vuurtje weggeschroeid, de poten werden ter hoogte van de knie doorgesneden, de teennagels afgesneden, de kop werd losgesneden, een snee onder aan de nek gaf toegang naar de krop, die werd geleegd en de inhoud weggegooid. Een snee in de buik, voorzichtig, zodat geen darmen werden beschadigd. De hele inhoud van de buik werd handmatig verwijderd. Er werd wat gerommeld in de holte en de nek werd bij de kop en het onderste deel van de poten in een schaaltje gelegd. Daar kwamen bij de lever, nadat de galblaas onbeschadigd was verwijderd, (een beschadigde galblaas maakt de lever en alles waarmee gal, groene prut, in aanraking komt oneetbaar bitter), het maagje, dat werd opgesneden, waarna inhoud en vlies werden weggegooid, het doorgesneden hartje en de dunste kootjes van de vleugels. Als laatste kwamen de zorgvuldig gereinigde darmen erbij, ontdaan van iedere inhoud lijkt een darm een beetje op een leeggelopen witte zeepier en ging het schaaltje naar de bedienden-keuken. Hoe baboe het deed, weet ik niet, maar nog voordat wij in het voorste deel van het huis aan de maaltijd begonnen, had zij haar maaltje al gereed. Ik zorgde natuurlijk dat ik in de buurt was, altijd goed voor een overheerlijke satestok, waarop van buiten knapperige en van binnen zachte gebakken kippendarm was geregen; of een klein kommetje soep, met de kippenkop. Heerlijk om uit te zuigen die kippenhersens.
Een andere reden waarom ik alles eet wat eetbaar wordt geacht is, dat mijn vader absoluut geen begrip kon opbrengen voor restjes eten op een bord. Het moest schoon op. De goede man, was na zijn veroordeling tot levenslange gevangenisstraf door de Japanners, jappen, zegt mijn lieve moedertje, enigszins getraumatiseerd. Er was in die tijd geen kindertelefoon of een forum, waarbij je beklag kon doen wanneer je naar jouw mening te heftig werd gestraft, dus onderging ik gelaten mijn lot. Soms was ik op school de held, omdat ik van die fraaie striemen had, waar als het tegenzat enkele druppeltjes bloed aan kleefden. Maar mijn vader was een goede Christen, al paste hij sommige passages uit de bijbel iets te letterlijk toe naar mijn smaak. Hoewel opportunisme mij niet geheel vreemd is, kon ik mij vaak niet toe brengen om daar waar een excuus, verontschuldiging, een pak slaag zou hebben voorkomen, deze te ontlopen. Een zekere koppigheid, wanneer het om rechtvaardigheid gaat, heeft mij volgens mijn omgeving mij veel parten gespeeld. Ach ik heb ook ongemerkt streken uitgehaald waar de honden geen brood van lusten, maar dat is different koek.
Mijn bord leeg eten zonder enige tegenzin te laten blijken, is een eigenschap die ik heb ontwikkeld en die soms heel goed van pas komt. De eerlijkheid gebied dat het mij niet lukte om bij restaurant Mogogo mijn bord leeg te eten.
Niet omdat het niet te eten was, integendeel het was verrassend smakelijk, maar ik kreeg porties waar Van der Valk nog van kan leren, joekels.
Ik begon met Ass. Mijn engels sprekende vrienden zouden bij het horen van de naam van dit gerecht, vragend hun wenkbrauwen fronzen, niets vreemds hoor, een ruime portie in witte wijn gemarineerde inktvis. Goed van smaak, een aanrader! Je krijgt geen bestek, dus lepel je het voedsel naar binnen met een stukje laat ik het maar pannenkoek noemen, dat je in je rechterhand houdt. Ook als je linkshandig zou zijn, laten wij het maar op houden dat in grote delen van de wereld, de linkerhand wordt gebruikt voor allerlei noodzakelijke hygiënische taken, die een normaal mens niet graag met eten associeert, vandaar de voor sommige van ons als vreemd ervaren “onreinheid” van dat lichaamsdeel. Ach ja, in de tijd dat deze opvatting ontstond eeuwen geleden, waren de nu alom bekende sterilisatiemiddelen non existent.
Na de smakelijke ass, koos ik voor heerlijke lamspens. Waarschijnlijk zullen de meeste van jullie, iets anders kiezen, maar ik ben eenmaal een liefhebber van orgaanvlees. Jaren geleden had je in Scheveningen naast de “Golden duck”, “Les pieds dans l’eau” een voortreffelijke eetgelegenheid waar ik het niet kon laten om twee voorgerechten te nemen – St Jacobsschelpen in een overheerlijke Nouilly Prat saus en de “drie vriendjes”, kalfszwezerik, -hersens en –nier, gepocheerd, koud met een vinaigrette om je vingers bij af te likken. De uitbaters, een echtpaar Henk en Irene, gingen uit elkaar; het restaurant ter ziele – eeuwig zonde!
Terug naar Mogogo; de lamspens had de juiste consistentie niet te zacht, niet te hard, de saus waarin het werd geserveerd, perfect gekruid. Pittig en goed gebalanceerd, geen overheersende smaken, lekker! Hier niet één, maar twee van die op het eerste gezicht op roti gelijkende pannenkoeken. Heel anders van structuur omdat er duidelijk meer gist in wordt verwerkt. Ik had de fout gemaakt om bij het verorberen van mijn ass, de saus tot de laatste druppel met zo’n pannenkoek op te vegen en het hele ding naar binnen te werken. Met gevolg dat ik anderhalve pannenkoek en een flink bord salade terug naar de keuken moest sturen, waar het onmiddellijk in de afvalton werd gekieperd. Een tip voor jullie jonge gasten: de kwaliteit van een restaurant beoordeel je mede aan de salades. De sla moet vers en knapperig zijn, als er tomaat in zit is dit ook een goede graadmeter.
Dat in een ton kieperen van onaangeraakt voedsel doet mij denken aan een anekdote dat ik een keer op de BBC zag, het ging over een dame, Debbe Santiago, ze was dakloos en hongerig, terwijl zij in een afvalton van een plaatselijke eetgelegenheid naar iets eetbaars aan het wroeten was, werd zij op haar schouder geklopt. Ze keek recht in het gezicht van een vriendelijk glimlachende dame die haar een pamflet overhandigde en terwijl ze wegliep zei “Jesus loves you”. Debbe zag toen het licht.
Mijn lamspens werd vergezeld van Afrikaans bier. Eerst bananenbier, geserveerd in een lege kokosdop, zo één waar in South Pacific, het koor van als vrouwen, verklede mariniers, de bustehouders waren gemaakt. Overigens nog een aanrader deze musical; waar vlak na de tweede wereld oorlog in Amerika, het nog steeds niet uitgebannen verschijnsel van etnische antipathieën aan de kaak wordt gesteld. Het lied “You’ve got to be carefully taught ”, geldt nog steeds, als je het niet wordt geleerd, krijg je geen hekel aan mensen alleen omdat ze een ander kleurtje hebben. Het bananenbier, was mij iets te zoet, maar er zijn meer mannelijke varianten genoeg.
Ik dwaal nog even af. Volgende week is er weer een vakantie en valt er weer van alles leuks te doen, als de weergoden tegen zitten, zal je dat misschien binnen moeten. Troggel je ouders een boek af “Van miljonair tot krantenjongen”. Lees het zorgvuldig en denk na over wat echt leuk en belangrijk is.
Én mocht je moeder, of je vader, in ieder geval diegene die bij jullie het eten liefdevol klaarmaakt geen zin hebben, bestel dan geen pizza of shoarma, maar ga gezellig met z’n allen naar Mogogo. Bestel datgene wat je lekker vind; vraag de gastvrouw om advies als je het niet weet. Lekker met z’n allen, met de rechterhand, rustig babbelend en etend, rond een groot bord, betaalbaar en het verstevigt de band. De riem om je middel;-)
De oplettende lezer zal zich afvragen wat heeft dit met "Belofte maakt schuld te maken"? Ik had rein beloofd een recentietje te schrijven. Bij deze Rein.
Labels:
Eritrees eten,
Nederlands Indië,
South Pacific
donderdag 14 februari 2008
Valentijnsdag
Als ik slaap heb, val ik in slaap, maakt niet uit waar ik ben, of wat ik aan het doen ben. Je moet dan een kanon naast mij afschieten om mij wakker te maken. Aanraken schijnt niet altijd even gezond voor je te zijn.
Het is geen pretje om in de ruimte te vertoeven waar ik slaap, heb ik mij laten vertellen. Het schijnt er nogal lawaaierig aan toe te gaan en af toe, vooral als ik bruine bonen heb gegeten, komt het geluid in stereo en schijnt de atmosfeer niet te harden te zijn.
Geen wonder dus, dat ik mijn nachten alleen pleeg door te brengen. De laatste tijd val ik vroeg in slaap en ben ik om een uur of één ’s-nachts weer klaar wakker.
Meestal ga ik dan achter mijn PC zitten om wat achterstallige post te versturen of keihard te werken om iets op tijd af te krijgen. Als er geen tijdsdruk is, ben ik niet zo’n werkpaard. Het lijkt wel of ik naast een lichte verslaving aan roken en alcohol, druk op de ketel iets is waar ik van hou; maar goed.
Als er net zoals vannacht geen druk op de ketel is, dan krijg ik wel eens rare gedachten, zo van vandaag is het Valentijnsdag. Zo’n prachtige gelegenheid voor een deel van de middenstand om de omzet in de slappe tijd tussen Kerstmis en Pasen wat op te vijzelen.
Geliefden, worden geacht elkaar kaarten te sturen een passende attentie te schenken. In elkaar geïnteresseerden maken van het, uit Engels sprekende landen overgewaaide, verschijnsel gebruik, om al dan niet subtiel, de ander blijk te geven van de interesse. Sommige ex-en, grijpen de kans om te proberen opnieuw contact te maken.
Ik niet. De gedachte komt even op, zou het te maken hebben gehad met de gedachten die opborrelden toen de U-13 in Haarlem aan het indoor cricket toernooi meededen? Gauw de TV aan. Tijd om te zappen.
Het nieuws op Nederland 1. Man bijt hond op 2. Een leuk programma, altijd goed te weten dat er nog grotere malloten vrij rondlopen dan ik.
Een vandaag. Er zijn miljoenen mensen eenzaam in Nederland. Niets nieuws onder de zon, was het niet een oma van Beatrix, die eenzaam maar niet alleen schreef?
Marianne Thieme. Één van onze mooiere kamermeisjes, net zoals bij die anderen komt er, wat mij betreft, alleen maar onzin uit. Ook deze keer weer, Goudvissen in een kom. Dat kan toch niet, zij baseert al haar uitspraken op wetenschappelijk onderzoek.
Een wetenschapper uit Wageningen verschijnt in beeld zegt dat er geen wetenschappelijk onderzoek is, maar wel zou moeten komen en dat het nog jaren kan duren. (Deed mij denken aan die bioloog die met pensioen ging, na 40 jaar intensief onderzoek naar de seksuele problemen van de eendagsvlieg. Hij was nog lang niet klaar… )
Marianne, raakt duidelijk geïrriteerd als de verslaggever doorgaat over de goudvissen in de kom. Zij moet zich herpakken, “even opnieuw” zegt ze, hevig met haar ogen knipperend. De camera draait door, het wordt er niet uitgeknipt; een rotstreek van die cameraman. Even dacht ik dat haar stem en neusvleugeltjes nerveus zouden gaan trillen; maar ze herpakt zich prima. Vlot babbelend ontwijkt ze de vraag, geeft ze de journalist een veeg uit de pan omdat hij maar doorzeurt over die goudvissen in een kom en kletst ze maar wat in de ruimte.
Dierenleed is in de 2e kamer niet alleen haar domein meer, er valt stemmen mee te verdienen; dus gaan de PvDA en de SP ook in die vijver vissen. Normaal toch? Een stem is een stem! Er komt een leuke cultureel antropologe in beeld, er zijn er meer in Nederland, sommigen hebben onder druk van de markt een ander beroep en een omscholing moeten meemaken, maar antropoloog zijn ze en blijven ze. De antropologe vertelt: er is een tentoonstelling over dieren in het circus en het temmen van leeuwen, van een engelse dompteur. De wilde dieren, zijn al lang niet helemaal wild, ze leven al generaties in het circus, worden er goed behandeld en hebben het naar hun zin. De PvDA, stemmenvisser onder de dierenliefhebbers, vertelt terwijl zijn lichaamstaal verraadt dat hij twijfelt aan zijn eigen woorden “Je laat zo’n edel dier, geen kunstjes doen.” Erg overtuigend kwam het niet over.
Marianne, is tegen het houden van dieren. Ze is waarschijnlijk ook één van een groeiend aantal veganisten, maar misschien ook niet. Zij is natuurlijk ook vel tegen de jacht. Die “sport” waarbij dieren voor plezier worden gedood. Zij gaat er aan voorbij dat veel Nederlanders, vooral op hoogtijdagen, graag dit scharrelvlees bij uitstek nuttigen. 85% van het hier gegeten wild wordt uit het buitenland geïmporteerd. Omdat er in Nederland zo weinig wild is? Natuurlijk niet, maar omdat wij wetgevers hebben die hun oren laten hangen naar de wens van dat deel van het electoraat dat het meest misbaar maakt.
Dierenactivisten, Marianne incluis, hebben geen enkele moeite met één of meerdere leugentjes, voor de goede zaak. Het is helemaal niet ongebruikelijk dat het publiek middels misinformatie met een kluitje in het riet wordt gestuurd. Maar wie denkt er eigenlijk echt nog over dingen na? Dat is toch niet meer nodig, daar hebben wij toch Youp van ’t Hek en Erik van Muiswinkel voor!
Een in het wild netjes geschoten fazant, heeft tot aan de snelle en pijnloze dood, kunnen scharrelen om aan de kost te komen. Het heeft geen antibiotica in het lijf en is dus 100% biologisch vlees. Als het de pech heeft, om niet door een jager te worden doodgeschoten, zal het wanneer het oud, ziek, zwak en misselijk is een waarlijk langzame en pijnlijke dood mogen verwachten.
Als het zich niet meer uit de voeten kan maken zal het ten prooi vallen aan een vos, das, verwilderde kat, daar zijn er duizenden van, of een andere predator. Het zal honger en dorst lijden en uiteindelijk zal de pijnlijkste dood een verlossing zijn. Vooral als het zou worden opgemerkt door hongerige kraaien. Die zullen als eerste de ogen uitpikken, dan met hun snavels een weg vinden naar de ingewanden; geen pretje, maar de natuur moet haar gang kunnen gaan.
Natuurlijk, is het zeer wenselijk dat dieren in gevangenschap op een humane, diervriendelijke manier worden gehouden. Niemand is daar beter van bewust dan die lieden die zich met het houden van dieren bezig houden. Zij hebben er belang bij dat hun dieren zich goed ontwikkelen en elkaar niet mutileren. Toch is het zo, dat de vrijheid die een biologisch gehouden scharrelkip in de meest diervriendelijke pluimveefokkerij geniet, in het niet valt bij die van een in het wild geschoten fazant. Dus hoe meer wild gevogelte de consument eet, hoe minder pluimvee moet worden gehouden.
In landen om ons heen, weet het grootste deel van de bevolking de waarde van de jacht beter in te schatten. Vooropgesteld, er dient alleen te mogen worden gejaagd op diersoorten die niet bedreigd zijn. De jacht moet op een ordentelijke, efficiënte wijze worden uitgevoerd, door lieden die competent zijn en het leed van geschoten wild tot een minimum beperken. Lieden die de zware morele taak op zich nemen om te doden, opdat de massa kan eten.
In het Verenigde Koninkrijk, dreigt een tweespalt tussen steden en platteland. In de steden, die slechts een klein deel van de oppervlakte van het land bestrijken, wonen de meeste mensen die tegen de jacht zijn en geen jota benul hebben van wat landbouw in het algemeen en het houden van dieren in het bijzonder inhoudt. Onder druk van de publieke opinie heeft de zittende regering beperkende maatregelen tegen de jacht afgekondigd. Niemand op het platte land die zich hier aanhoudt. Lokale wetshandhavers kijken wel uit en branden er hun vingers niet aan. Grote aantallen protesterende anti’s begeven zich ieder weekend vanuit de steden naar het platte land om de jacht te verstoren. Zij hebben lak aan iedere wet, plegen massaal huisvredebreuk door zich niets aan te trekken van borden die de toegang verbieden; maar piepen het hardst als ze per ongeluk een muilpeer kijgen;-)
Overigens is de dood van de in november overleden dame die door een kogel getroffen werd terwijl zij haar hond uitliet opgelost. Een jager heeft bekend een schot te hebben gelost. Het zal wel een kogel uit een buks zijn geweest, die dragen meer dan een kilometer ver weg en kunnen dan nog een mens doden.
Ongelooflijk dat zoiets mogelijk is. Iedere jager weet, welke gevaren er zijn bij het afschieten van een kogel. Voordat je de trekker overhaalt, vergewis je je van de baan van het schot, hou je rekening met ricochet.
De rechter zal uitmaken of hier sprake is van schuld en zo ja in welke mate of dat gewoon een ongeluk was, zoals er zo vele in allerlei hoekjes schuilen. In de ruim 50 jaar dat ik jaag, heb ik nooit iemand met opzet of per ongeluk met een vuurwapen getroffen. Ik wens dit zo te houden en zal nimmer een schot lossen als ik niet 100% zeker ben dat het veilig kan worden afgevuurd. Als het mij zou overkomen dat ik iemand raak of een meejagende hond, zal ik nooit meer een vuurwapen hanteren.
Ik ben eens te gast geweest op een jacht, waarbij een andere gast, per ongeluk, een hond doodschoot. De dader compenseerde de eigenaar van de hond in geld; maar is nooit meer uitgenodigd als geweer. Zelf ben ik één keer aan de dood ontsnapt toen mijn vriend en mentor in een wapenwinkel een foutje maakte en een kogel door mijn haar schoot. Een hilarisch verhaal. Dezelfde man, was hij er nog maar, hij toeft al meer dan 20 jaar in de eeuwige jachtvelden, schoot eens op een haas dat tussen ons in probeerde weg te komen.
Wij zaten op zo’n 50 meter van elkaar in een sloot. Het haas, opgejaagd door naderende drijvers, ging precies tussen ons in. Ik zag hem het dier aanspreken. Voor de zekerheid, wendde ik mijn gezicht af en draaide ik half weg. Een klap in mijn zij, net onder mijn rechteroksel, vrijwel onmiddellijk gevolgd door de knal van het schot. Hagel gaat sneller dan geluid. Het haas was dood, ik had een stuk of 20 gaatjes in mijn wax jas, een pijnlijke zij, maar het was winter en ik was dik aangekleed, de huid was nergens doorboord, geen man overboord. Het was één van de laatste keren dat wij samen jaagden, 7 maanden later was hij dood. Geen verrassing, maar wel heel jammer.
Terug naar het zappen vannacht. Maar eerst nog iets over een ander leuk uitziend kamermeisje, Femke Halsema. Komt altijd op voor de mensenrechten, denkt U. Mis! Femke was oorverdovend stil, toen de Nederlandse staat, een gevangen genomen dierenactivist, inhumaan behandelde. Hij werd 24 uur per dag in een verlichte ruimte onder toezicht van camera’s, geheel in strijd met de rechten van de mens, gevangen gehouden. Femke zweeg! Waarom? Waarschijnlijk uit angst dat zij doelwit zou worden van ongenuanceerde volkswoede als zij zich er over had uitgelaten. Het soort volkswoede dat zich nog maar enkele dagen geleden richtte op een zekere Johan, omdat hij verward werd met ene Joran.
Joran, gestigmatiseerd voor de rest van zijn leven. Beschuldigd, in de val gelokt en veroordeeld door een verongelijkt, voeten stampend, van verontwaardiging en woede overkokende, zich misdaad journalist noemend individu; dat zich in de maling genomen voelde omdat in een praatprogramma (DWDD) te weinig aandacht werd besteed aan zijn nieuwe boek. Het praatprogramma, haalde het in het hoofd, om meer aandacht te schenken aan de zaak van het op Aruba verdwenen meisje en haar door de misdaad verslaggever "opgeloste verdwijning", dan zoals afgesproken aan het boek. Afspraak is afspraak, ook voor praatprogramma’s en je moet natuurlijk de hoofd- van de bijzaken kunnen onderscheiden en de juiste prioriteiten stellen.
Arte heeft midden in de nacht ook leuke programma’s. Vannacht waren ze te gast in een Roma dorp in Roemenië; ergens op het platte land. Waar mensen nog in uiterst primitieve omstandigheden leven. Stromend water is er niet. Slechts enkele huizen zijn er van elektriciteit voorzien. 80% van de mannen bespeelt een instrument. Trompet, viool, accordeon, tuba. Niemand kan noten lezen; toch wordt er helemaal niet onverdienstelijk gespeeld. Kommer en kwel. Armoede! Analfabetisme! Te grote gezinnen, te veel afwachten en te weinig handen uit de mouwen steken om iets aan de situatie te doen. Tandenloze, verwaarloosde oudere mannen en vrouwen. Je bent hier oud als je net de 30 bent gepasseerd. Schattige kleine kinderen, opzwepend dansende mooie jonge meisjes, die ook op hun 30ste een tiental kinderen zullen hebben en uitgewoond en uitgeleefd door het leven zullen gaan. Welkom in de EU, Roma en Roemenie.
Discovery, het wel en wee van een garage die oldtimers maakt. Vreemde lui, die wel wat kunnen als het om het opknappen van auto’s gaat. Een zwaar van tatoos voorziene monteur laadt zijn spullen thuis op een vrachtwagen. Hij gaat scheiden; is er door zijn vrouw uitgetrapt. Een foutje in de communicatie zegt hij. Hij was vergeten naar zijn vrouw te communiceren dat hij een andere vriendin had. Zij pikte het niet; komt mij bekend voor.
ARD, een discussieprogramma: hard maar fair. Hoe het publiek verneukt wordt om spullen in de supermarkt te kopen die niet, zoals wordt gesuggereerd, gezond zijn. Gauw door.
Het is nu 6 uur geweest, tijd voor een mok koffie. Nog even zappen. Net 5, Gilmore girls, het wel en wee van 3 generaties Gilmore. Flauw, mooie moeder. Nou mooi, niet onaantrekkelijk, aantrekkelijk, een beetje dellerig, heel aantrekkelijk. Onzin allemaal.
Today a gift! Ik ga weer genieten.
Het is geen pretje om in de ruimte te vertoeven waar ik slaap, heb ik mij laten vertellen. Het schijnt er nogal lawaaierig aan toe te gaan en af toe, vooral als ik bruine bonen heb gegeten, komt het geluid in stereo en schijnt de atmosfeer niet te harden te zijn.
Geen wonder dus, dat ik mijn nachten alleen pleeg door te brengen. De laatste tijd val ik vroeg in slaap en ben ik om een uur of één ’s-nachts weer klaar wakker.
Meestal ga ik dan achter mijn PC zitten om wat achterstallige post te versturen of keihard te werken om iets op tijd af te krijgen. Als er geen tijdsdruk is, ben ik niet zo’n werkpaard. Het lijkt wel of ik naast een lichte verslaving aan roken en alcohol, druk op de ketel iets is waar ik van hou; maar goed.
Als er net zoals vannacht geen druk op de ketel is, dan krijg ik wel eens rare gedachten, zo van vandaag is het Valentijnsdag. Zo’n prachtige gelegenheid voor een deel van de middenstand om de omzet in de slappe tijd tussen Kerstmis en Pasen wat op te vijzelen.
Geliefden, worden geacht elkaar kaarten te sturen een passende attentie te schenken. In elkaar geïnteresseerden maken van het, uit Engels sprekende landen overgewaaide, verschijnsel gebruik, om al dan niet subtiel, de ander blijk te geven van de interesse. Sommige ex-en, grijpen de kans om te proberen opnieuw contact te maken.
Ik niet. De gedachte komt even op, zou het te maken hebben gehad met de gedachten die opborrelden toen de U-13 in Haarlem aan het indoor cricket toernooi meededen? Gauw de TV aan. Tijd om te zappen.
Het nieuws op Nederland 1. Man bijt hond op 2. Een leuk programma, altijd goed te weten dat er nog grotere malloten vrij rondlopen dan ik.
Een vandaag. Er zijn miljoenen mensen eenzaam in Nederland. Niets nieuws onder de zon, was het niet een oma van Beatrix, die eenzaam maar niet alleen schreef?
Marianne Thieme. Één van onze mooiere kamermeisjes, net zoals bij die anderen komt er, wat mij betreft, alleen maar onzin uit. Ook deze keer weer, Goudvissen in een kom. Dat kan toch niet, zij baseert al haar uitspraken op wetenschappelijk onderzoek.
Een wetenschapper uit Wageningen verschijnt in beeld zegt dat er geen wetenschappelijk onderzoek is, maar wel zou moeten komen en dat het nog jaren kan duren. (Deed mij denken aan die bioloog die met pensioen ging, na 40 jaar intensief onderzoek naar de seksuele problemen van de eendagsvlieg. Hij was nog lang niet klaar… )
Marianne, raakt duidelijk geïrriteerd als de verslaggever doorgaat over de goudvissen in de kom. Zij moet zich herpakken, “even opnieuw” zegt ze, hevig met haar ogen knipperend. De camera draait door, het wordt er niet uitgeknipt; een rotstreek van die cameraman. Even dacht ik dat haar stem en neusvleugeltjes nerveus zouden gaan trillen; maar ze herpakt zich prima. Vlot babbelend ontwijkt ze de vraag, geeft ze de journalist een veeg uit de pan omdat hij maar doorzeurt over die goudvissen in een kom en kletst ze maar wat in de ruimte.
Dierenleed is in de 2e kamer niet alleen haar domein meer, er valt stemmen mee te verdienen; dus gaan de PvDA en de SP ook in die vijver vissen. Normaal toch? Een stem is een stem! Er komt een leuke cultureel antropologe in beeld, er zijn er meer in Nederland, sommigen hebben onder druk van de markt een ander beroep en een omscholing moeten meemaken, maar antropoloog zijn ze en blijven ze. De antropologe vertelt: er is een tentoonstelling over dieren in het circus en het temmen van leeuwen, van een engelse dompteur. De wilde dieren, zijn al lang niet helemaal wild, ze leven al generaties in het circus, worden er goed behandeld en hebben het naar hun zin. De PvDA, stemmenvisser onder de dierenliefhebbers, vertelt terwijl zijn lichaamstaal verraadt dat hij twijfelt aan zijn eigen woorden “Je laat zo’n edel dier, geen kunstjes doen.” Erg overtuigend kwam het niet over.
Marianne, is tegen het houden van dieren. Ze is waarschijnlijk ook één van een groeiend aantal veganisten, maar misschien ook niet. Zij is natuurlijk ook vel tegen de jacht. Die “sport” waarbij dieren voor plezier worden gedood. Zij gaat er aan voorbij dat veel Nederlanders, vooral op hoogtijdagen, graag dit scharrelvlees bij uitstek nuttigen. 85% van het hier gegeten wild wordt uit het buitenland geïmporteerd. Omdat er in Nederland zo weinig wild is? Natuurlijk niet, maar omdat wij wetgevers hebben die hun oren laten hangen naar de wens van dat deel van het electoraat dat het meest misbaar maakt.
Dierenactivisten, Marianne incluis, hebben geen enkele moeite met één of meerdere leugentjes, voor de goede zaak. Het is helemaal niet ongebruikelijk dat het publiek middels misinformatie met een kluitje in het riet wordt gestuurd. Maar wie denkt er eigenlijk echt nog over dingen na? Dat is toch niet meer nodig, daar hebben wij toch Youp van ’t Hek en Erik van Muiswinkel voor!
Een in het wild netjes geschoten fazant, heeft tot aan de snelle en pijnloze dood, kunnen scharrelen om aan de kost te komen. Het heeft geen antibiotica in het lijf en is dus 100% biologisch vlees. Als het de pech heeft, om niet door een jager te worden doodgeschoten, zal het wanneer het oud, ziek, zwak en misselijk is een waarlijk langzame en pijnlijke dood mogen verwachten.
Als het zich niet meer uit de voeten kan maken zal het ten prooi vallen aan een vos, das, verwilderde kat, daar zijn er duizenden van, of een andere predator. Het zal honger en dorst lijden en uiteindelijk zal de pijnlijkste dood een verlossing zijn. Vooral als het zou worden opgemerkt door hongerige kraaien. Die zullen als eerste de ogen uitpikken, dan met hun snavels een weg vinden naar de ingewanden; geen pretje, maar de natuur moet haar gang kunnen gaan.
Natuurlijk, is het zeer wenselijk dat dieren in gevangenschap op een humane, diervriendelijke manier worden gehouden. Niemand is daar beter van bewust dan die lieden die zich met het houden van dieren bezig houden. Zij hebben er belang bij dat hun dieren zich goed ontwikkelen en elkaar niet mutileren. Toch is het zo, dat de vrijheid die een biologisch gehouden scharrelkip in de meest diervriendelijke pluimveefokkerij geniet, in het niet valt bij die van een in het wild geschoten fazant. Dus hoe meer wild gevogelte de consument eet, hoe minder pluimvee moet worden gehouden.
In landen om ons heen, weet het grootste deel van de bevolking de waarde van de jacht beter in te schatten. Vooropgesteld, er dient alleen te mogen worden gejaagd op diersoorten die niet bedreigd zijn. De jacht moet op een ordentelijke, efficiënte wijze worden uitgevoerd, door lieden die competent zijn en het leed van geschoten wild tot een minimum beperken. Lieden die de zware morele taak op zich nemen om te doden, opdat de massa kan eten.
In het Verenigde Koninkrijk, dreigt een tweespalt tussen steden en platteland. In de steden, die slechts een klein deel van de oppervlakte van het land bestrijken, wonen de meeste mensen die tegen de jacht zijn en geen jota benul hebben van wat landbouw in het algemeen en het houden van dieren in het bijzonder inhoudt. Onder druk van de publieke opinie heeft de zittende regering beperkende maatregelen tegen de jacht afgekondigd. Niemand op het platte land die zich hier aanhoudt. Lokale wetshandhavers kijken wel uit en branden er hun vingers niet aan. Grote aantallen protesterende anti’s begeven zich ieder weekend vanuit de steden naar het platte land om de jacht te verstoren. Zij hebben lak aan iedere wet, plegen massaal huisvredebreuk door zich niets aan te trekken van borden die de toegang verbieden; maar piepen het hardst als ze per ongeluk een muilpeer kijgen;-)
Overigens is de dood van de in november overleden dame die door een kogel getroffen werd terwijl zij haar hond uitliet opgelost. Een jager heeft bekend een schot te hebben gelost. Het zal wel een kogel uit een buks zijn geweest, die dragen meer dan een kilometer ver weg en kunnen dan nog een mens doden.
Ongelooflijk dat zoiets mogelijk is. Iedere jager weet, welke gevaren er zijn bij het afschieten van een kogel. Voordat je de trekker overhaalt, vergewis je je van de baan van het schot, hou je rekening met ricochet.
De rechter zal uitmaken of hier sprake is van schuld en zo ja in welke mate of dat gewoon een ongeluk was, zoals er zo vele in allerlei hoekjes schuilen. In de ruim 50 jaar dat ik jaag, heb ik nooit iemand met opzet of per ongeluk met een vuurwapen getroffen. Ik wens dit zo te houden en zal nimmer een schot lossen als ik niet 100% zeker ben dat het veilig kan worden afgevuurd. Als het mij zou overkomen dat ik iemand raak of een meejagende hond, zal ik nooit meer een vuurwapen hanteren.
Ik ben eens te gast geweest op een jacht, waarbij een andere gast, per ongeluk, een hond doodschoot. De dader compenseerde de eigenaar van de hond in geld; maar is nooit meer uitgenodigd als geweer. Zelf ben ik één keer aan de dood ontsnapt toen mijn vriend en mentor in een wapenwinkel een foutje maakte en een kogel door mijn haar schoot. Een hilarisch verhaal. Dezelfde man, was hij er nog maar, hij toeft al meer dan 20 jaar in de eeuwige jachtvelden, schoot eens op een haas dat tussen ons in probeerde weg te komen.
Wij zaten op zo’n 50 meter van elkaar in een sloot. Het haas, opgejaagd door naderende drijvers, ging precies tussen ons in. Ik zag hem het dier aanspreken. Voor de zekerheid, wendde ik mijn gezicht af en draaide ik half weg. Een klap in mijn zij, net onder mijn rechteroksel, vrijwel onmiddellijk gevolgd door de knal van het schot. Hagel gaat sneller dan geluid. Het haas was dood, ik had een stuk of 20 gaatjes in mijn wax jas, een pijnlijke zij, maar het was winter en ik was dik aangekleed, de huid was nergens doorboord, geen man overboord. Het was één van de laatste keren dat wij samen jaagden, 7 maanden later was hij dood. Geen verrassing, maar wel heel jammer.
Terug naar het zappen vannacht. Maar eerst nog iets over een ander leuk uitziend kamermeisje, Femke Halsema. Komt altijd op voor de mensenrechten, denkt U. Mis! Femke was oorverdovend stil, toen de Nederlandse staat, een gevangen genomen dierenactivist, inhumaan behandelde. Hij werd 24 uur per dag in een verlichte ruimte onder toezicht van camera’s, geheel in strijd met de rechten van de mens, gevangen gehouden. Femke zweeg! Waarom? Waarschijnlijk uit angst dat zij doelwit zou worden van ongenuanceerde volkswoede als zij zich er over had uitgelaten. Het soort volkswoede dat zich nog maar enkele dagen geleden richtte op een zekere Johan, omdat hij verward werd met ene Joran.
Joran, gestigmatiseerd voor de rest van zijn leven. Beschuldigd, in de val gelokt en veroordeeld door een verongelijkt, voeten stampend, van verontwaardiging en woede overkokende, zich misdaad journalist noemend individu; dat zich in de maling genomen voelde omdat in een praatprogramma (DWDD) te weinig aandacht werd besteed aan zijn nieuwe boek. Het praatprogramma, haalde het in het hoofd, om meer aandacht te schenken aan de zaak van het op Aruba verdwenen meisje en haar door de misdaad verslaggever "opgeloste verdwijning", dan zoals afgesproken aan het boek. Afspraak is afspraak, ook voor praatprogramma’s en je moet natuurlijk de hoofd- van de bijzaken kunnen onderscheiden en de juiste prioriteiten stellen.
Arte heeft midden in de nacht ook leuke programma’s. Vannacht waren ze te gast in een Roma dorp in Roemenië; ergens op het platte land. Waar mensen nog in uiterst primitieve omstandigheden leven. Stromend water is er niet. Slechts enkele huizen zijn er van elektriciteit voorzien. 80% van de mannen bespeelt een instrument. Trompet, viool, accordeon, tuba. Niemand kan noten lezen; toch wordt er helemaal niet onverdienstelijk gespeeld. Kommer en kwel. Armoede! Analfabetisme! Te grote gezinnen, te veel afwachten en te weinig handen uit de mouwen steken om iets aan de situatie te doen. Tandenloze, verwaarloosde oudere mannen en vrouwen. Je bent hier oud als je net de 30 bent gepasseerd. Schattige kleine kinderen, opzwepend dansende mooie jonge meisjes, die ook op hun 30ste een tiental kinderen zullen hebben en uitgewoond en uitgeleefd door het leven zullen gaan. Welkom in de EU, Roma en Roemenie.
Discovery, het wel en wee van een garage die oldtimers maakt. Vreemde lui, die wel wat kunnen als het om het opknappen van auto’s gaat. Een zwaar van tatoos voorziene monteur laadt zijn spullen thuis op een vrachtwagen. Hij gaat scheiden; is er door zijn vrouw uitgetrapt. Een foutje in de communicatie zegt hij. Hij was vergeten naar zijn vrouw te communiceren dat hij een andere vriendin had. Zij pikte het niet; komt mij bekend voor.
ARD, een discussieprogramma: hard maar fair. Hoe het publiek verneukt wordt om spullen in de supermarkt te kopen die niet, zoals wordt gesuggereerd, gezond zijn. Gauw door.
Het is nu 6 uur geweest, tijd voor een mok koffie. Nog even zappen. Net 5, Gilmore girls, het wel en wee van 3 generaties Gilmore. Flauw, mooie moeder. Nou mooi, niet onaantrekkelijk, aantrekkelijk, een beetje dellerig, heel aantrekkelijk. Onzin allemaal.
Today a gift! Ik ga weer genieten.
In memoriam R.C. LLewelyn, "Lew"
Source The Telegraph, UK
(https://webmail.planet.nl/exchweb/bin/redir.asp?URL=http://www.telegraph.co.uk/news/main.jhtml?xml=/news/2008/02/12/db1201.xml )
The Reverend Robert Llewelyn, who died on February 6 aged 98, was a godly Church of England priest who spent the first 30 years of hisministry as a schoolmaster, then became a notable teacher of prayer.
As chaplain of the cell of Dame Julian of Norwich he introduced a verylarge number of people to the life and writings of this English woman mystic who lived in a small cell attached to a Norwich church at theturn of the 14th and 15th centuries. His compilation of 200 of her sayings sold more than 100,000 copies and was the first in a series ofsmall devotional books that are still widely read.
Robert Charles Llewelyn was born at Exmouth, Devon, on July 6 1909.His great-grandmother, who lived on the Isle of Wight, was a friend of Queen Victoria.
Brought up in a devout Church of England home, he went first toPangbourne College, with a view to entering the Navy, but this did notsuit him, and he completed his schooling as head boy at King Edward VISchool, Southampton.
He read Mathematics at Pembroke College, Cambridge, then joined theteaching staff of Westminster School, where Peter Ustinov and TonyBenn were among his pupils.
After four years he was ordained by Bishop Winnington Ingram in StPaul's Cathedral and, while continuing to teach maths, spent a gooddeal of his off-duty time praying and meditating in the St Faith'sChapel of Westminster Abbey. He was during this time under theinfluence of the Cowley Fathers, whose London house was nearby.
In August 1939 Llewelyn was given a year's leave to spend with theCawnpore Brotherhood - a missionary community in India - and he was onthe last passenger ship for several years to sail through the SuezCanal.
When his year at Cawnpore ended he found it impossible to get back toEngland because of the war conditions and he was roped in to beheadmaster of the Hallet War School.This was established in a former Anglo-Indian school, then derelict,in the foothills of the Himalayas, and it was Llewelyn's task tocreate an emergency school for the children of British officials andothers who could no longer be sent to public schools in England.A temporary teaching staff was recruited from various parts of the sub-continent, and the school - which continued until the end of the war -was a great success, achieving examination results comparable to thoseof long-established English schools.
He returned to Westminster School as chaplain in 1945, but a yearlater was invited to go to the Bahamas to start a diocesan school for11 to 17-year-olds at Nassau. He remained there until 1951, by whichtime St John's College was well established, with a large, mainlyblack, roll of pupils.
Llewelyn was now called back to India to become headmaster of Sherwood College - the Lucknow diocesan boys' school which had fallen on hardtimes as a consequence of independence and was in danger of closure.Under his leadership its fortunes were reversed, and during his 15 years there the roll reached 500, many of the pupils coming from EastAfrica. At one point there were more than 70 Patels on the register,which often led to confusion.
He returned to England in 1966 but was immediately asked to go back tobecome chaplain to the Wantage Sisters - an outpost of an Englishcommunity of nuns - at Poona. He also became priest-in-charge of StMary's church and eventually archdeacon, though he preferred hisministry in the convent and the prayerful discipline of the monasticlife.
Back in England again in 1972, he accepted an invitation to become warden of Bede House at Staplehurst, Kent. This was a convent of the enclosed religious order of the Sisters of the Love of God, and besides celebrating Mass and offering a priestly ministry to the nuns, Llewelyn welcomed visitors and went to other parts of the country to conduct retreats.
In 1976, when on the eve of retirement, he was asked to go to Norwichsimply to be a presence in the cell of Dame Julian. The actual cell occupied by the celebrated anchoress had long disappeared - probably destroyed during the Reformation - and the church to which it had been attached was itself damaged by a wartime bomb.The rebuilding project included a tiny chapel built on what was believed to have been the site of Julian's cell.
This was not much used until Llewelyn arrived, but he used his many contacts to make its existence more widely known. Aided by a renewed interest in Julian and an increasing concern forthe place of women in the Church, the cell became, and remains, afocus of devotion and inspiration for a large number of Christiansfrom all parts of the world. His contribution was to offer daily prayer, give talks on Julian and, when required, provide spiritual counsel to pilgrims.
Llewelyn's own spirituality was in some ways close to that of a priestof Julian's own time. He located the supernatural at every turn, and took very seriously reports of visions and voices, healings and coincidences.
On one occasion, when wondering whether or not he should retire fromthe cell, he asked God to remove from the back of his neck a small but long-neglected lump. "Lord, if you make the lump go down I shall take it as a sign that I should continue my work."Within a few days it had disappeared, and he remained at the cell for several more years, until he was 81.
The sources of his spirituality were, in fact, wide. Without everceasing to be formed by the Anglican tradition, he made several visitsto Medjugorje, in Bosnia, where six teenagers claimed to be receiving visits from the Virgin Mary.
Lourdes was less attractive to him, but he none thel ess made a number of visits - as he did, by way of contrast, to Holy Trinity Church,Brompton, where he had no difficulty in recognising the spiritual factor if members of the congregation fell to the floor or spoke intongues.
His insights into prayer were deepened by attending a ZenBuddhist retreat. All of which contributed to the making of a priest of undoubtedholiness and warm humanity, to whom many became greatly in debted, and who in 1994 was awarded the Templeton Prize for his contribution to the advancement of religion in the field of spirituality. He was unmarried.
___________________________________________________________________
I agree with the following definition of a real Christian:
“A Christian is someone who has decided to entrust his or her life to Jesus Christ. A Christian trusts Christ for forgiveness of sin, a right standing before God, and guidance in life.”
“Lew”, one of the few real Christians I had the privilege of meeting is dead. 17 months before completing a century in years.
One of the reasons why I’ll never forget this man, is that he is the only man that caned me without retribution! But also the man who introduced boys to classical music, by playing records on his almost antique record player. Encouraged one to read poetry, talk about architecture and religion, naturally.
One of the things I learned at Sherwood, was that you only broke the law, if you were prepared to accept the consequences. It has come in handy in the rest of my life.
R.C. Llewelyn, had reason to cane me more often than the average pupil. I was not average when it came to making mischief. I got 2 and 4 on many occasions for all sorts of reasons; mostly ‘out of bounds’, ‘turning up late’, ‘too many black points’, etc. etc.
My father is the only reason “Lew” had to give me 6, three times. On Sherwood’s application form, he had entered “Christian” as my denomination. My father was a Christian, I’ll gladly admit that, but I resented having to be one when I was at Sherwood and never qualified as one in a later stage of my life. Although I fully endorse the humanitarian aspects of Christianity, I have never been able to, however hard I tried, God knows;-) to qualify as in the definition I quoted earlier.
At that time it was compulsory for those whose parents had put “Christian” on the form, to attend Sunday and Easter services; while boys whose parents had filled in another religion were free to spend their time reading, chatting to each other or washing their hair. A sight I’ll never forget is a row of Sikhs with their hair and beards blowing in the wind on a balcony; before coming to Sherwood I had never seen or noticed a similar sight.
By now you’ll have guessed that I received the canings for not attending church. Somehow, he noticed every time. My answer that I did not attend because I did not feel like, seemed to infuriate him and when 4 cuts did not achieve the desired result he took other measures and gave me 6. After the third time he had administered a 6, he said “Next time you don’t attend a service I’ll expel you.” Needless to say, I had no other option but to attend. But I never donated an anna. The only times when attending church was not a punishment, was when the devout girls of All Saints were present.
Things have changed, nowadays, Sherwood has girls boarding. Thank God not when I was there, “Lew” should certainly have had good reason to expel me.
I joined Sherwood somewhere in June; being the only new boy, had its advantages and disadvantages. One had to learn fast to acclimatise as soon as possible. I’ll never forget my first caning. Seeing his collection of canes, different thicknesses, different lengths. I never asked if it was true, but I was told by boys who had experienced it, that very junior boys were caned with a cloth brush, while “Lew”, clamped a Bible in the armpit if the arm he used to hold the brush in and ending the punishment if the Bible moved.
I had been told, not to show any pain or rub any part of the caned area in public. The first time I got two, I kind of overdid it, I was smiling broadly when coming upright from the well known position. I heard him say “You think it is funny, bend over” and received another 2;-)
I look back with pleasure at the relatively short time I spent in Sherwood. It is a long time ago; most of the food was not very exciting, periodically switching from the English menu to the non vegetarian Indian one. Bribing the bearers for extras and rattling off grace, with your eyes open.
The last 6 days, ‘khanda-ing’ sneaks and other unfortunate ones for breaking the code.
Diving, to get town leave. Johnny: “Schäffer, don’t bother to swim if ever your vessel sinks, wait till it arrives at the bottom and start walking to the nearest shore!”, or words to the effect.
Thappa: “Place your foot on the ball like this and he’ll hurt his ankle”. Try that today and you’ll be sent off immediately.
I do enjoy visiting http://www.sherwoodcollege.com/ and my subscription to the Old Sherwoodian’s Digest; specially to see that some of us, have done very well.
http://www.hamsa-yoga.org/index.php. Shitole, I remember him well. Even as a young lad, he was into yoga. He once told me to sit in a certain position, drain my head of thoughts, close my eyes for a couple of minutes and tell him which colours I saw. Only black;-)
And so many other, then fine young men....
(https://webmail.planet.nl/exchweb/bin/redir.asp?URL=http://www.telegraph.co.uk/news/main.jhtml?xml=/news/2008/02/12/db1201.xml )
The Reverend Robert Llewelyn, who died on February 6 aged 98, was a godly Church of England priest who spent the first 30 years of hisministry as a schoolmaster, then became a notable teacher of prayer.
As chaplain of the cell of Dame Julian of Norwich he introduced a verylarge number of people to the life and writings of this English woman mystic who lived in a small cell attached to a Norwich church at theturn of the 14th and 15th centuries. His compilation of 200 of her sayings sold more than 100,000 copies and was the first in a series ofsmall devotional books that are still widely read.
Robert Charles Llewelyn was born at Exmouth, Devon, on July 6 1909.His great-grandmother, who lived on the Isle of Wight, was a friend of Queen Victoria.
Brought up in a devout Church of England home, he went first toPangbourne College, with a view to entering the Navy, but this did notsuit him, and he completed his schooling as head boy at King Edward VISchool, Southampton.
He read Mathematics at Pembroke College, Cambridge, then joined theteaching staff of Westminster School, where Peter Ustinov and TonyBenn were among his pupils.
After four years he was ordained by Bishop Winnington Ingram in StPaul's Cathedral and, while continuing to teach maths, spent a gooddeal of his off-duty time praying and meditating in the St Faith'sChapel of Westminster Abbey. He was during this time under theinfluence of the Cowley Fathers, whose London house was nearby.
In August 1939 Llewelyn was given a year's leave to spend with theCawnpore Brotherhood - a missionary community in India - and he was onthe last passenger ship for several years to sail through the SuezCanal.
When his year at Cawnpore ended he found it impossible to get back toEngland because of the war conditions and he was roped in to beheadmaster of the Hallet War School.This was established in a former Anglo-Indian school, then derelict,in the foothills of the Himalayas, and it was Llewelyn's task tocreate an emergency school for the children of British officials andothers who could no longer be sent to public schools in England.A temporary teaching staff was recruited from various parts of the sub-continent, and the school - which continued until the end of the war -was a great success, achieving examination results comparable to thoseof long-established English schools.
He returned to Westminster School as chaplain in 1945, but a yearlater was invited to go to the Bahamas to start a diocesan school for11 to 17-year-olds at Nassau. He remained there until 1951, by whichtime St John's College was well established, with a large, mainlyblack, roll of pupils.
Llewelyn was now called back to India to become headmaster of Sherwood College - the Lucknow diocesan boys' school which had fallen on hardtimes as a consequence of independence and was in danger of closure.Under his leadership its fortunes were reversed, and during his 15 years there the roll reached 500, many of the pupils coming from EastAfrica. At one point there were more than 70 Patels on the register,which often led to confusion.
He returned to England in 1966 but was immediately asked to go back tobecome chaplain to the Wantage Sisters - an outpost of an Englishcommunity of nuns - at Poona. He also became priest-in-charge of StMary's church and eventually archdeacon, though he preferred hisministry in the convent and the prayerful discipline of the monasticlife.
Back in England again in 1972, he accepted an invitation to become warden of Bede House at Staplehurst, Kent. This was a convent of the enclosed religious order of the Sisters of the Love of God, and besides celebrating Mass and offering a priestly ministry to the nuns, Llewelyn welcomed visitors and went to other parts of the country to conduct retreats.
In 1976, when on the eve of retirement, he was asked to go to Norwichsimply to be a presence in the cell of Dame Julian. The actual cell occupied by the celebrated anchoress had long disappeared - probably destroyed during the Reformation - and the church to which it had been attached was itself damaged by a wartime bomb.The rebuilding project included a tiny chapel built on what was believed to have been the site of Julian's cell.
This was not much used until Llewelyn arrived, but he used his many contacts to make its existence more widely known. Aided by a renewed interest in Julian and an increasing concern forthe place of women in the Church, the cell became, and remains, afocus of devotion and inspiration for a large number of Christiansfrom all parts of the world. His contribution was to offer daily prayer, give talks on Julian and, when required, provide spiritual counsel to pilgrims.
Llewelyn's own spirituality was in some ways close to that of a priestof Julian's own time. He located the supernatural at every turn, and took very seriously reports of visions and voices, healings and coincidences.
On one occasion, when wondering whether or not he should retire fromthe cell, he asked God to remove from the back of his neck a small but long-neglected lump. "Lord, if you make the lump go down I shall take it as a sign that I should continue my work."Within a few days it had disappeared, and he remained at the cell for several more years, until he was 81.
The sources of his spirituality were, in fact, wide. Without everceasing to be formed by the Anglican tradition, he made several visitsto Medjugorje, in Bosnia, where six teenagers claimed to be receiving visits from the Virgin Mary.
Lourdes was less attractive to him, but he none thel ess made a number of visits - as he did, by way of contrast, to Holy Trinity Church,Brompton, where he had no difficulty in recognising the spiritual factor if members of the congregation fell to the floor or spoke intongues.
His insights into prayer were deepened by attending a ZenBuddhist retreat. All of which contributed to the making of a priest of undoubtedholiness and warm humanity, to whom many became greatly in debted, and who in 1994 was awarded the Templeton Prize for his contribution to the advancement of religion in the field of spirituality. He was unmarried.
___________________________________________________________________
I agree with the following definition of a real Christian:
“A Christian is someone who has decided to entrust his or her life to Jesus Christ. A Christian trusts Christ for forgiveness of sin, a right standing before God, and guidance in life.”
“Lew”, one of the few real Christians I had the privilege of meeting is dead. 17 months before completing a century in years.
One of the reasons why I’ll never forget this man, is that he is the only man that caned me without retribution! But also the man who introduced boys to classical music, by playing records on his almost antique record player. Encouraged one to read poetry, talk about architecture and religion, naturally.
One of the things I learned at Sherwood, was that you only broke the law, if you were prepared to accept the consequences. It has come in handy in the rest of my life.
R.C. Llewelyn, had reason to cane me more often than the average pupil. I was not average when it came to making mischief. I got 2 and 4 on many occasions for all sorts of reasons; mostly ‘out of bounds’, ‘turning up late’, ‘too many black points’, etc. etc.
My father is the only reason “Lew” had to give me 6, three times. On Sherwood’s application form, he had entered “Christian” as my denomination. My father was a Christian, I’ll gladly admit that, but I resented having to be one when I was at Sherwood and never qualified as one in a later stage of my life. Although I fully endorse the humanitarian aspects of Christianity, I have never been able to, however hard I tried, God knows;-) to qualify as in the definition I quoted earlier.
At that time it was compulsory for those whose parents had put “Christian” on the form, to attend Sunday and Easter services; while boys whose parents had filled in another religion were free to spend their time reading, chatting to each other or washing their hair. A sight I’ll never forget is a row of Sikhs with their hair and beards blowing in the wind on a balcony; before coming to Sherwood I had never seen or noticed a similar sight.
By now you’ll have guessed that I received the canings for not attending church. Somehow, he noticed every time. My answer that I did not attend because I did not feel like, seemed to infuriate him and when 4 cuts did not achieve the desired result he took other measures and gave me 6. After the third time he had administered a 6, he said “Next time you don’t attend a service I’ll expel you.” Needless to say, I had no other option but to attend. But I never donated an anna. The only times when attending church was not a punishment, was when the devout girls of All Saints were present.
Things have changed, nowadays, Sherwood has girls boarding. Thank God not when I was there, “Lew” should certainly have had good reason to expel me.
I joined Sherwood somewhere in June; being the only new boy, had its advantages and disadvantages. One had to learn fast to acclimatise as soon as possible. I’ll never forget my first caning. Seeing his collection of canes, different thicknesses, different lengths. I never asked if it was true, but I was told by boys who had experienced it, that very junior boys were caned with a cloth brush, while “Lew”, clamped a Bible in the armpit if the arm he used to hold the brush in and ending the punishment if the Bible moved.
I had been told, not to show any pain or rub any part of the caned area in public. The first time I got two, I kind of overdid it, I was smiling broadly when coming upright from the well known position. I heard him say “You think it is funny, bend over” and received another 2;-)
I look back with pleasure at the relatively short time I spent in Sherwood. It is a long time ago; most of the food was not very exciting, periodically switching from the English menu to the non vegetarian Indian one. Bribing the bearers for extras and rattling off grace, with your eyes open.
The last 6 days, ‘khanda-ing’ sneaks and other unfortunate ones for breaking the code.
Diving, to get town leave. Johnny: “Schäffer, don’t bother to swim if ever your vessel sinks, wait till it arrives at the bottom and start walking to the nearest shore!”, or words to the effect.
Thappa: “Place your foot on the ball like this and he’ll hurt his ankle”. Try that today and you’ll be sent off immediately.
I do enjoy visiting http://www.sherwoodcollege.com/ and my subscription to the Old Sherwoodian’s Digest; specially to see that some of us, have done very well.
http://www.hamsa-yoga.org/index.php. Shitole, I remember him well. Even as a young lad, he was into yoga. He once told me to sit in a certain position, drain my head of thoughts, close my eyes for a couple of minutes and tell him which colours I saw. Only black;-)
And so many other, then fine young men....
donderdag 7 februari 2008
Waarom een eigen blog?
Tot nu toe, kon ik voor wat ik kwijt wilde bij CMS65 terecht. Hoewel hij mij niet gevraagd heeft mijn gedachten voortaan elders te spuien, heb ik besloten dat toch te doen voor niet direct aan voetbal of cricket gerelateerde zaken.
Een eigen blog, een plek waar ik mijn gif kan spuien.
Waar ik Ad Interim Managers, met "Hidden agenda's", de ontmaskering kan bieden die ze verdienen.
Waar ik hoop, dat mijn kleinkinderen en hun vriendjes en vriendinnetjes, af en toe langs komen om te zien hoe het NIET moet.
Waar mijn vrienden, die ik soms een tijdje niet gezien heb, kunnen vernemen dat ik niet ben veranderd. "Absence makes the heart grow fonder" en niet "out of sight - out of heart"
Waar een altijd heel speciaal iemand, die deze blog nooit zal vinden, zou kunnen zien dat naarmate de pijn mindert, het gemis toeneemt.
Een plek, zo maar één, waar ....
Abonneren op:
Posts (Atom)