Iedere keer is het voor Opa Paul genieten als hij naar een uitvoering van één of meerdere van zijn kleinkinderen mag. Drie van de vier spelen piano en twee van de vier ook viool. Ook op deze zaterdag, dat mijn liefste Essie, 41 is geworden, is er een voorstelling.
Mijn oudste kleinkind, Kim, net 18 geworden, heeft andere interesses. Zij studeert hard, kan in 20 sessies simultaan chatten en heeft haar voorliefde voor eikels met een baseball petje afgezworen en verschijnt nu met Wouter in het openbaar. Wouter heeft geen pet op, heeft een beetje Indisch bloed, afwachten maar wat voor vlees wij in de kuip hebben. Uit voorzorg heb ik hem fijntjes te kennen gegeven wat hem te wachten staat als hij mijn kleindochter pijn doet. Vreselijk, maar ik kan het niet laten. Vooral na die prachtige Turkse soap, die mij wekenlang uit mijn slaap hield, omdat het hele nachten lang door de NPS werd uitgezonden, “Asmali Konak”. Het speelt zich af in de 21e eeuw, conflicten tussen generaties, stedelingen en plattelanders, feodale toestanden, eer en eerwraak. Prachtige, normen en waarden. Waar familie-eer nog telt. Kunnen wij wat van leren.
Deze keer had Lenneke Willems, de violiste die David al jaren de beginselen van het vioolspel tracht bij te brengen, “The three lives of Thomasina” naar het verhaal van Paul Gallico, als rode draad voor de muziekuitvoering gekozen.
(Dat David na jaren nog steeds met de beginselen bezig is. Ligt zeker niet aan zijn vioollerares. Ook niet aan gebrek aan talent bij David. Hij heeft een ferme strijk en produceert een mooie klank; maar tijdgebrek, hij is ook nog druk met school, piano, voetbal, tennis, boxen, om het in het voorjaar en zomer maar niet over cricket te hebben, is de oorzaak van de langzame vooruitgang van zijn vioolspel. Hij kan het gewoon niet opbrengen om een uurtje per dag te oefenen. Hetgeen natuurlijk heel logisch is, het is gewoon een kwestie van ambitienivo, tijd, veel tijd en prioriteiten stellen. Hij heeft de 1ste en 3e positie onder de knie; nog 5 en hij is waar een goede amateur violist moet zijn. Heel wat minder dan er in de Kama Sutra staan, maar met veel meer muziek!)
De uitvoering vindt plaats in het Koorenhuis. Het Haagse Centrum voor Kunst en Cultuur aan de Prinsegracht. Een werkelijk schitterende verzameling van gebouwen waar vrijwel iedere kunstuiting door iedereen kan worden bedreven. Het kost de Gemeente den Haag, een paar centen, heeft ook wel eens moeilijke tijden gekend; als ik mij niet vergis, heeft Arthur Docters van Leeuwen (ja, die van dat gedonder met Indische Winnie Sorgdrager en dezelfde die zich als VVD kandidaat terugtrok toen Teeven hoger op lijst werd gezet door de VVD – die natuurlijk niet als M kon meedoen in James Bond films, omdat hij al hoofd was van de BVD), de boel nog uit het slop gehaald. Al kost het de gemeente bakken met geld en deelnemers aan activiteiten best diep in de buidel moeten tasten; mag dat van mij. Het geld is aan een goed doel besteed, heel wat anders dan die miljoenen die als water naar de zee in FC Den Haag zijn en worden gepompt.
De zaal was propvol, op het podium was ook niet veel ruimte. Een vertelster, zo’n dertigtal violisten, waaronder enkele altviolen, een viertal celli of is het cello’s (jullie weten wel van die rechtopstaande violen die aan de Pokon hebben gelegen), één hele uit de kluiten gewassen contrabas en centraal een keyboard of was het een elektrische piano? Er kwam nog even een jonge zangeres op met een prachtige vertolking van een Schots liedje, begeleid door een Spaanse gitaar, een cello en laat ik het maar de elektrische piano noemen.
Iedere keer als er zo’n uitvoering is valt het mij op; hoe veel mooier het klinkt dan de vorige keer. Ook hoeveel de kinderen zijn gegroeid. Niet alleen qua spel, maar ook lichamelijk. Het verloop is ook uitermate klein. De groteren vallen af; waarschijnlijk omdat zij hun kunsten in ander gezelschap vertonen of misschien omdat ze elders zich meer in het spel bekwamen. De nieuwe gezichten die mij opvallen hebben steevast zo’n halve kinderviool. Het wordt eigenlijk alleen maar leuker en mooier.
Nou was Paul Gallico, niet één van mijn favoriete Amerikaanse schrijvers, toen ik in een vorig leven mij bezighield met moderne 20ste eeuwse engelse literatuur. Hij had een zekere beroemdheid als schrijver van belangrijke filmscripts; maar zijn roem vergaarde hij met zijn korte verhalen. Naar mijn mening heel wat minder boeiend dan Somerset Maugham. Met Arthur Docters van Leeuwen, had hij gemeen dat hij in zijn jonge jaren, erotische verhalen heeft gepubliceerd.
Het verhaal speelt zich af op het idyllische Schotse platteland. De artiesten hadden zich ‘Schots’ uitgedost ik meende een paar Mc Donalds varianten te herkennen en zelfs een Buchanan, maar zat te ver van het podium om het goed te kunnen zien. Er was een aantal jonge dames met fraaie groene Tam O’Shanters. Ik heb helaas geen jongen in een kilt gezien. Ik zou op die leeftijd ook niet met stokslagen het podium op te slaan zijn met een kilt en de verplicht ontbrekende onderbroek. Nu nog niet, schiet mij te binnen.
Geanimeerd vertelde de vertelster haar verhaal; prachtig aangevuld met professionele audio- en visuele effecten; om te pauzeren voor een passend muziekstuk; vrolijk, melancholiek op z’n tijd ook plechtig en droevig. Een jongeman demonstreerde hoe mooi en vol een cello kan klinken en een viertal jonge violisten speelden al dan niet solo; allemaal heel verdienstelijk om maar niet al te veel superlatieven te gebruiken.
Ik vind de solo’s altijd een bron van hoop. Hoop voor die onfortuinlijke familie- en gezinsleden, die de eerste oefeningen van een beginnend violist moeten aanhoren; voorwaar niet altijd een pretje. Ik ben altijd een rotvent geweest. Jaren geleden, toen mijn andere ook prachtige kleindochter Eline net met viool was begonnen, vroeg ik haar om een stukje te spelen. De lessenaar werd klaargezet. De viool uit de kist of is het een koffer gehaald. Er werd gecontroleerd of het instrument wel goed gestemd was en de muziek begon. Het geluid dat werd geproduceerd was zo in contrast met haar werkelijk perfecte houding dat ik idioot die ik ben, in lachen uitbarstte en niet kon ophouden totdat ik de gekwetste blik in haar ogen zag. Ze keek niet boos, maar verdrietig en ik voelde mij lullig. Het heeft heel wat tijd gekost voordat Eline weer voor mij wilde spelen. Niet alleen op de viool maar ook op de piano. Muzikaal zijn mijn spelende kleinkinderen mij allemaal voorbij gestreefd; met als prima donna de kleindochter waarvoor Beethoven “Für Eline” schreef. Zij heeft dan ook een bijzondere eigen interpretatie van dit lied.
De uitvoering was zo voorbij. How time flies when you are having fun. Na zo’n klein uurtje merk ik dan dat mijn teer- en nicotinegehalte ernstig aanvulling nodig heeft. Na de toegift snel ik mij naar buiten, ik zou toch eigenlijk zo’n supersmoker moeten aanschaffen; maar ik hou niet van nep en namaak. Buiten, zag ik meerdere muzikanten het pand verlaten. De meeste al weer bezig met hun volgende agendapunt; inderdaad de jeugd heeft het druk tegenwoordig. Enkele opgelucht en een klein aantal ontevreden, onder andere de soliste, waarvan ik hoopte dat Eline en David snel haar niveau zullen bereiken. Zij heeft in ieder geval de juiste mentaliteit, het streven naar perfectie.
Mijn David, moet U natuurlijk niet verwarren met David Garrett, de violist die op 14 februari j.l. op zijn 290 jaar oude Stradivarius viel en het instrument verpletterde. Gelukkig was het geen nieuwe;-)
maandag 18 februari 2008
16 februari 2008, "The 3 lives of Thomasina"
Labels:
Beethoven,
cello,
Für Eline,
Koorenhuis,
Lenneke Willems,
viool
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten